Gesprekken met mijn schildpad (10)



Ook wat.

Wat is er, Koos?

Je práát niet meer met me.

Je hebt gelijk, het is alweer even geleden.

Mensen denken dat ik dood ben.

Ho. Misschien denken ze dat je een winterslaap houdt.

Bij 24 graden? Ik word langzaam gegaard!

Luister, dat was het advies van de dierenwinkel. Je bent tropisch.

Dezelfde die zei: 'wat jij wil', toen jij vroeg naar de verschoningsfrequentie?

Die ja. Ik heb je trouwens net verschoond.

Kon eerder. Je verschoningsfrequentie heb je gehalveerd zonder mij te consulteren, van eens per week naar eens per twee weken.

Verschoning! Ik dacht: zo lang er geen vuil is, hoeft er ook niet worden verschoond.

Je zou je wel eens meer om mij mogen bekommeren. Heb je niet gelezen dat je door mij langer leeft? Dat onderzoek waaruit blijkt dat de zorg voor een huisdier of kamerplant –

Kamerplant? Dat had me verschoningswerk gescheeld. Een kamerplant hoef je alleen maar af te stoffen. Terwijl bij jou kost het me een uur om alle aangekoekte kalk, algen, en geelgroene prut van je aqua-meubilair af te schrobben.

En in de tussentijd zet je me in een ovenschaal met een slablaadje? Denk na! Die aaibare moordenaar van je lag op hemelsbreed een meter te knorren. Als die me had geroken, had ie me kapotgeknaagd, terwijl jij in de badkamer steentjes spoelde. Dan had je nog een overlijdensgedicht moeten schrijven.

Verder nog grieven?

Laat ik met een positieve noot eindigen.

Fideel van je.

Je dochter, mijn wettige eigenares, gaf me een kusje op mijn schild. Voor het eerst.

Zag ik! Ze leek ietwat teleurgesteld toen je niet in Prins Carl Philip van Zweden veranderde. Scherts.

Hou je scherts voor je. Net zoals die schoonvader van je, die het niet kon laten om weer de 's-soep- verwijzing' uit de mottenballen te halen, toen hij me voor het eerst kwam bekijken.

Mijn verontschuldigingen. Ik ergerde me er ook aan. Interspeciële inclusiviteit is nog iets waaraan wordt gewerkt.

Succes daarmee.

(Zwemt weg.)