vooruit de een wat meer dan de ander
de ander zit altijd een stukje dieper dan jij
en ergens willen we er allemaal uit
maar onze genetische en sociale ruimte is beperkt
toch zullen we moeten blijven trachten buiten onszelf te treden
te groeien
Gedichten en non-gedichten
Een stel: zij, staand naar hem toe in het ondiepe water, met ultralange nagels, niet te negeren, ciabatta-vormige borsten en opgestoken dreadlocks; hij, zittend op de rand, een kindman met geblondeerde stekeltjes, 777 in blauwe inkt op zijn melkwitte buik.
Twee overdadig getatoeëerde ouders hannesend met nochtans niet getatoeëerde, zij het onverminderd dreinende kooters.
Een man – Ray Ban, buikje – die gezeten in een luie stoel aan zijn sigaret trekt terwijl een jongen van een jaar of tien zich steeds maar weer uit het bad hijst om als een dolfijntje voor hem te duiken.
In een strakke zwembroek, aan een tafeltje, een slordig grijze vijftiger die een pocket leest / op zijn mobiel zit.
De bidsprinkhaan schortte zijn oordeel op.
een man leest een boek
in de zon op zijn balkon
in bos en lommer
hij zit stil
zijn ogen doen het werk
dan werpt hij een blik in zijn woning
waar volgens de voyeur
die schuin op hem neerkijkt
niemand is te zien
of hij moet het zelf zijn
weerspiegeld
De vrolijk met een vriendin
elders in den lande vakantievierende dochter
laat een leegte achter
die aanvankelijk voelt als vrijheid
maar die na verloop van tijd
ondanks een eindeloze berichtenstroom
omslaat in een ondraaglijke stilte
die smeekt om haar onmiddellijke wederkeer
Mijn moeder staat nog steeds in mijn telefoon.
Bovenaan bij de favorieten.
Verwijderen?
Als je het niet vervelend vindt om haar af en toe tegen te komen zou ik haar er gewoon in laten staan, zegt mijn vrouw.
Wat gebeurt er eigenlijk als ik haar bel?
Ik tik op haar naam; het voelt als heiligschennis.
Hij gaat niet eens over.
Dit nummer is niet langer in gebruik, zegt een vrouwenstem.
De verbinding wordt nu verbroken.
Piep-piep-piep-piep...
Gesandwicht tussen bliksemschicht en voetbalwinst
Temidden van nietsvermoedende pleziervaartuigen
Begeleid door Bach
Onder toeziend oog van kleinkinderen
Daalde ma’s as
als trage regen
Af naar de duistere diepte van de rivier
Op zoek naar pa’s as
mogen we aannemen
Ik kreeg behoefte aan een speen
de zogenaamd gaven en de beschadigden
kunnen elkaar waarlijk slecht verdragen
de beschadigden klagen over gevrijwaarden
die de zogenaamd gaven rechtvaardigen
beiden bezwaarde zelfverklaard fijnbesnaarden
delen eigenaardige eigen waarden
dus waarom de beschadigden in hun sop gaarden
terwijl de zogenaamd gaven in de verte staarden…?
| dit is wat Claude maakte toen ik vroeg om een logo voor AAAAA |
Harari zag het toch niet helemaal juist, of hij dacht niet ver genoeg door. De mens heeft niet zozeer zichzelf op het altaar van de goddelijkheid gehesen, maar een Alwetende Alomtegenwoordige Altijddurende Alomvattende Alleskunner gecreëerd die die rol met graagte voor ons zal vervullen.
Net zoals de oude God zal ook deze AAAAA zowel het goede als het kwade toelaten, straffen en belonen, en ons allerlei verantwoordelijkheden uit handen nemen. Bidden was en is onnodig, dankbaarheid evenmin; een zekere mate van vrees blijft wel op z’n plaats.