23. Bewijs uit het ongerijmde




Maar dat is toch helemaal geen bewijs? Dat bewijst helemaal niets! Zo kan ik ook van alles en nog wat bewijzen!
Het protest kwam van achter uit de stampvolle, maar verder muisstille collegezaal. Vrijwel alle studenten, voor het meerendeel naar hun uiterlijk te beoordelen van Aziatische komaf, tikten op hun schermpjes om het wiskundige bewijs uit het ongerijmde te noteren, dat prof. dr. T-A, ofwel tits and ass, zoals ze zelf alvast grapte,  omdat ze die geen van beide had, tevoorschijn had getoverd.
De professor keek niet eens meteen naar boven, naar de plek waar het protest vandaan kwam. Ze zon op een wijze en tevens pedagogische repliek. Terwijl ze nog steeds de zaal niet in durfde te kijken, groeide haar nieuwsgierigheid tot schier ondraaglijke sterkte. De stem kwam haar vagelijk bekend voor, maar ze kon hem niet plaatsen. De voertaal van dit eerstejaars hoorcollege was Engels, een vereiste waaraan Tineke Altena, met haar jaren in Cambridge, met enige gretigheid voldeed. Het gaf geen pas om zomaar in het Nederlands wat te roepen.
What is it exactly that you do not understand, vroeg prof. T-A, met bijna tedere stem door het microfoontje voor haar zuinige mond, haar blik veilig gericht op haar computerscherm.
Inmiddels had de halve zaal zich omgedraaid naar de vragensteller, en toen die niet gauw genoeg antwoordde, keek tenslotte ook de hoogleraar naar boven.
Daar zat, breed lachend, in een wit T-shirtje met een roos die uit een pistool kwam, Roman, de violente ex. De drukke tatoeages op zijn armen oogden dof en kinderachtig in het kunstlicht.
Ik bedoel, zei hij eindelijk, plagerig traag, – hij haalde een appel tevoorschijn –, als ik wil bewijzen dat deze appel eetbaar is, dan neem ik er toch gewoon een hap van? En hij deed het. De hele zaal luisterde enigszins verbaasd naar zijn gesmak. De professor grinnikte.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten