Nieuwe broek

Ann Liu: Artist Jeans


A. heeft een broek voor me gekocht, en ik heb hem aangetrokken. Zo gaat dat in dit huishouden: zij koopt een broek, en ik trek hem aan. Ik vind dat een goede arbeidsdeling. A. houdt van kopen, ik niet (behalve boeken en wijn). Ik houd ervan om wat zij koopt te dragen en zij houdt ervan om mij dat wat zij heeft gekocht te zien dragen. Rolbevestigend? Ongetwijfeld, maar er zijn geen slachtoffers dus niets meer aan veranderen.

Maar deze broek, daar gaat het me om, ik heb hem al een week aan (waarom een nieuwe broek aantrekken als er geen vlekken op zitten?) trekt nogal de aandacht. De eerste opmerking die ik in ontvangst mocht nemen was van een kakmadam op de Reguliersgracht die ik een nogal directe vraag stelde over haar hond (niet: doe je het met haar/hem?), en die zei: 'Nou, vooruit, omdat je zo'n leuke broek aan hebt...'

De tweede opmerking incasseerde ik in de rij voor de kringloopwinkel. Een man die, sorry, toch echt obees was, had mij een tijdje aan zitten kijken en toen had hij het toch maar aangedurfd te zeggen, wijzend op mijn broek: 'Weet je wat dat is, dat is een hippe broek. Een hippe broek. Je hebt een hippe broek aan.'

Ik wist niet goed wat ik met deze observatie aanmoest. Weerspreken, want ik wil niet hip zijn; hip is toch een soort dom, of opvatten als een compliment zoals het waarschijnlijk was bedoeld (ik word, sinds ik postbode-af ben, nog zelden spontaan vernederd om wat ik draag). Maar mijn repliek werd overbodig toen hij zelf toevoegde: 'Zulke broeken droeg mijn moeder ook.'

Het derde spontane commentaar dat ik oogstte kwam van een vrouwelijke winkelbediende, een wat oudere type, ze had net mijn moeder kunnen zijn (misschien dacht ze dat ik haar zoon kon zijn). Ze zei: 'Gezellige broek heb je aan. Heel gezellig. Ja hoor. Leuk, zo'n gezellige broek.'

Ik moest denken aan mijn vader die onlangs over de styling-drift van A. had gezegd: 'Je moet niet zo'n mooie kleren voor hem kopen. Krijgt ie veel te veel aandacht.'