Meelijwekkende mannen

Schultenbrau Zwaar bier blik


Kletsmajoor, 11, is geboeid door de twee mannen die hij heeft gezien, en ik ook wel, moet ik zeggen. Man I stond gisteren om 11 PM aan de deur; Man II zagen we vanochtend bij onze ochtendwandeling op een bankje bij het water. Ze waren alle twee voorbij de vijftig, zestig wellicht. De een leek dader, de ander slachtoffer, maar zoals altijd kon je die rollen makkelijk omdraaien, wat het toekennen van medelijden ingewikkeld maakt. (Sommigen, zoals Nietzsche, zouden, mede om die reden, willen afzien van medelijden tout court, maar dat is gezien de constellatie der menselijke emoties een onmogelijkheid. Alleen machines kennen geen ((mede))lijden; hier wordt aan gewerkt.)
Man I had een vieze, volle baard en keek woest uit zijn ogen. Op luide toon begon hij aan een incoherente smeekbede. Op zich sta ik open voor smeekbedes, maar als ze incoherent worden haak ik af.
'Wat wou die man?' vroeg KM.
'Geld. Maar hij verpestte het voor zichzelf. Als hij zich had toegelegd op één reden, dan had ik hem best geld willen geven, misschien zelfs 20 euro, maar hij gaf teveel, vage redenen op. Hij was zijn sleutels kwijt, de slotenmaker kwam pas om twaalf uur, hij moest naar het ziekenhuis en zijn OV-kaart was leeg.'
'Een slotenmaker kan toch helemaal niet om twaalf uur komen?' merkte hij scherp op.
'Dat bedoel ik.'
Man II tuurde op een bankje met een blikje bier schuldbewust voor zich uit, terwijl een vrouw op hem foeterde. 'Wat is dat nou weer voor kutsmoes! Weet je hoeveel ik voor je gedaan heb? Weet je hoe ik de afgelopen dagen voor je bezig ben geweest? En wat doe jij?' Of woorden van gelijke strekking.
Het werd theater toen de vrouw het bierblikje uit zijn hand pakte en in het water smeet.
KM en ik theoretiseerden over de rolverdeling. We concludeerden dat de vrouw waarschijnlijk de zus van de man was, die probeerde hem op het goede pad te krijgen. Of zijn ex. Of zijn hulpverlener. Eerst voelden we mee met de man. Daarna met de vrouw.