De waarheid of comfort



In Chagrin Valley – what's in a name? – lees ik in The New Yorker, worden demente bejaarden in het ootje genomen. Zo spelen de verzorgers bandjes af met stemmen van familieleden om telefoongesprekken te simuleren. Ook is er een nep-bushalte, waar dementen die graag op pad willen, bijvoorbeeld om te ontsnappen, of om terug te keren naar hun reeds lang overleden echtenoot/echtgenote, op de bus kunnen wachten. Die bus komt niet. Meestal geven ze zelf na een tijdje op.
Een soort Truman Show voor Alzheimerpatiënten, dus.
In hoeverre mag je liegen tegen dementen om hen gerust te stellen? Wat is een groter goed: de waarheid of comfort? In Chagrin Valley kiezen ze voor het laatste. Het heeft geen zin om dementen de waarheid te blijven voorhouden, als dat hen alleen maar pijn doet, als ze blijven reageren op het nieuws van hun overleden partner alsof ze het voor het eerst horen.
In Nederland is ook zo'n oord, bij Weesp, alhoewel ze daar een betere mix hebben, en minder op regelrechte deceptie uit schijnen te zijn. In de winkels daar bijvoorbeeld kunnen de bewoners echt iets kopen, en niet alleen plastic bananen.
Ik stel me een herziene versie van Bernlefs Hersenschimmen voor, waarin de hoofdpersoon elke dag naar een fake-kantoor vertrekt en het daar prima naar zijn zin heeft.
De keuze tussen waarheid of comfort is niet alleen voor dementen relevant.
Misschien wordt er wel continu tegen mij gelogen en van alles voor mij gesimuleerd, alleen maar om mij rustig te houden.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten