Een gevoel van ineenstorting



Frankrijk is ongelukkig zegt de politicoloog Dominique Reynié in een uitstekend artikel van Marijn Kruk in De Groene. Waarom? Omdat Europa's prachtigste land, waar de tijd lange tijd leek stil te staan en waar men zich die stilstand ook leek te kunnen permitteren, lijdt aan 'een gevoel van ineenstorting', en 'existentiële destabilisatie.'
Deels door eigen toedoen, uiteraard.
Wie giga-winkels bouwt voor de mensen, laat die mensen vroeg of laat meewerken aan hun eigen overbodigheid.
Het globale kapitalisme, dat uit is op schaalvergroting, kostenreductie en winstmaximalisatie, slaat harder toe in Frankrijk dan in andere landen. Daarin lijkt Frankrijk interessant genoeg meer op Amerika, net zoals Engeland meer op Amerika lijkt qua gebrek aan vangnet.
Vakbonden kunnen zand in de machine strooien, maar uiteindelijk hebben zij het antwoord ook niet. Zij willen de tijd opnieuw stil zetten, – en wie wil dat niet –, maar geldstromen laten zich niet stilzetten. Wie de boel stilzet, gaat verliezen.
Dan is er dus nog die extreemrechtse component: het aanwijzen van een zondebok voor de onvrede, de schuld leggen bij kwetsbare groepen, ook al ontbreekt hiervoor iedere logica.
Er is nog een specifiek Franse component: het elitaire. De Franse elite, het bolwerk van de enarques, is nog net wat elitairder. Die hebben jarenlang, decennialang hun neus opgehaald voor de zorgen van de provincialen en de marginalen en krijgen nu hun bekomst.
Is er hoop? Wel als je naar de revolutionaire strijdliederen luistert die de gele hesjes hebben voortgebracht: À nos souvenirs van Trois Cafés Gourmands klinkt mij toch vooral vrolijk in de oren (ook al doet de tekst moeite grimmig te zijn) en Les oubliés van Gauvain Sers nostalgisch. Fransen hebben geen talent voor grimmigheid; dat maakt ze juist zo aantrekkelijk.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten