Doodsobsessie (toch weer)

Trevor Chowning: Damien Hearse

'Mamma, ik hou zoveel van je dat ik niet kan wachten dat je doodgaat.'
Het jaar is nog niet begonnen of we worden alweer geconfronteerd met de levensvreugde van de vijfjarige, die zich niet zelden uit in doodsverlangen. Hierin toont zij zich een vroege romantica.
Ze kan gemeen zijn. Zoals wanneer de negenjarige de hele ochtend op zijn vriendje wacht, en zij tegen hem zegt: 'Hij komt niet. Hij is dood.'
Sinds kort speelt ze ook met liefde. Op geraffineerde manier, nu al. Zo heeft ze al meerdere keren verklaard aan haar moeder, dat ze, nou, ja, ze vindt het heel vervelend te moeten zeggen, maar het is niet anders, ietsiepietsie klein beetje meer van pappa houdt dan van mamma. 'Heel klein beetje meer!'
De moeder begrijpt dat wel, deed vroeger hetzelfde, en misschien nog steeds, zonder het met zoveel woorden te zeggen. Iets uitspreken is meer dan alleen iets uitspreken. Iets uitspreken, John Searle wist het al, is een handeling. Een daad.
Ik krijg ook te pas en te onpas kusjes, op allerlei plaatsen. Ze weet mij daarmee in te palmen, te verleiden – om dingen gedaan te krijgen.
Van de week probeerde ik 'een beetje' te werken – proberen te werken tijdens een kindervakantie is proberen een ei te bakken op een landmijn – en toen ik haar niet snel genoeg mijn aandacht schonk, zei ze: 'Als je nu niet komt, vind ik jou niet meer liever dan mamma.'
Ziehier het gevolg van haar liefdesobsessie: de Totale Fysieke en Psychische Confiscatie van het Object Harer Liefde.
Je zou haar  b i j n a  dood wensen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten