What's in a naambakje?



Omdat ik een half uur moet stukslaan op een Montessorischool terwijl de negenjarige boven wordt beziggehouden door een logopediste, verschans ik mij op een krukje temidden van balsturige naschoolse opvangpeuters en -kleuters, met op schoot Asymmetrie, Lisa Halliday's gehypte debuutroman, die Medische Broer mij even daarvoor tijdens de lunch in handen duwde omdat hij er zelf niet doorheen kwam. Het valt mij, meteen al op de eerste pagina' s, zwaar om niet te denken: 'ouwe snoeperd' en 'arm schaap' ten aanzien van respectievelijk de 'beroemde schrijver' in wie je in ongeveer 1 nanoseconde Philip Roth herkent en 'Alice', in wie je in een 1/1000ste nanoseconde de debuterende autrice herkent.
Het is altijd leerzaam om te lezen over andermans veroveringstactieken, maar ik kan Medische Broer nog niet beloven dat ik wel door dit meesterwerk heen kom. Ik had het boek van hem aangenomen zeggende: 'Dat is iets voor de Grote Gelukbrenger,' maar toen keek hij zo teleurgesteld, dat ik eraan toevoegde, 'maar ik wil het ook lezen'.
Tijdens het lezen word ik afgeleid door een roedel drie-,vierjarigen die tegen de kaft aantikken, de bladzijden ombuigen of het boek uit mijn handen proberen te rukken. De vermaning 'hou 's op' blijkt weinig effect te hebben. Waarom? Dit zijn Franse kindertjes, dat wil zeggen kindertjes van Franse expats, die niet schaars zijn in dit deel van de stad.
Nu begrijp ik de 'Victoire' op een van de naam-bakjes. Geen veelvoorkomende naam. In Nederland ken ik maar één persoon die zo heet, maar die ken ik dan wel vrij goed: mijn moeder.
'Qui s'appelle Victoire?' vraag ik aan de roedel.
'Moi,' zegt een blond jongetje, dezelfde die het boek uit mijn handen probeert te rukken, maar de anderen schudden van nee, hij liegt.
Een meisje, geen verlegen meisje, met donkere haren een eindje verderop luistert wel naar die naam. Is het sentimenteel van mij om in haar mijn moeder te willen zien, op die leeftijd?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten