Analyse van een non-probleem



Maandenlang ben ik aan het klooien met mijn telefoon, die niet behoorlijk oplaadt, hetgeen storend is wanneer men wel eens gebruik wil maken van dat ding, bijvoorbeeld om met iemand in contact te treden, of zulke contact-pogingen te kunnen beantwoorden. Eerst dacht ik: het ligt aan het oplaadsnoertje. Nieuwe oplaadsnoertjes aangeschaft – niet de 'echte' natuurlijk want die zijn te duur – en na diverse experimenten bleek er één oplaadsnoertje betrouwbaar op te laden, maar alleen als het stekkertje er scheef in werd vastgehouden door middel van een postbode-elastiek. Daar kreeg ik handigheid in. Tegelijkertijd keek ik uit naar nieuwe telefoons, want deze is niet meer zo nieuw, en bovendien beschadigd door een ongelukkige botsing met een paal (niet de mijne), maar nieuwe telefoons bleken duizend euro te kosten, of daaromtrent, dus daar zag ik vanaf. Ik ga mijn zuur bijeengeharkte subsidie-euro's niet klakkeloos overmaken naar het grootkapitaal. Een andere, oude optie kwam bij me op: de telefoon definitief in 'de box' stoppen. Begraven, zeg maar. En dan hier een stukje tikken: 'Uitgetelefoond.' Maar dat kan ik niet maken, dat weet ik, want bereikbaarheid is de nieuwe weerbaarheid en trouwens, ik wil ook graag boeken blijven lezen wanneer ik wil en waar ik ook maar ben (een nieuwe gewoonte, mede dankzij de Online Bibliotheek).
Als ik bij de goedlachse computerboer een pak printerpapier koop, overhandig ik hem zonder na te denken mijn telefoon met bijbehorende klacht. Lachend haalt hij een klein ijzer staafje uit zijn broekzak en begint in het stroomgaatje van de telefoon te peuren. Het ene na het andere pluisje en bolletje stof delft hij op. Gênant. Niet alleen omdat de oplossing van mijn non-probleem zo simpel blijkt te zijn, maar ook omdat zijn gepeur voelt alsof hij mijn navel aan het kuisen is. En hij gaat maar door, er komt geen eind aan zijn gepeur.
'Zo, nu zou hij het weer moeten doen.'
Hij doet het weer.
De computerboer lacht.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten