Nabucco

Zoek de bevriende zangeres

Voor een dubbeltje op de eerste rang zat ik gisteravond, dankzij een bevriende zangeres en lid van het koor (niet: het corps, daar heb ik zelden iets aan gehad), bij Nabucco. Ik kon niet alleen de zangers in de ogen kijken en de stofdeeltjes uit hun kostuums geslagen zien worden, maar ik kon ook de musici in de orkestbak bespieden, zoals die fanatieke blonde violiste hier en die roodharige verleidelijk verveeld kijkende violiste daar en die... Cut! Ik bedoel de wapperende wangen van de dirigent als hij tekeerging op de bok. De oordoppen van de blazer achterin die als een beugel om zijn schedel was bevestigd. De twee harpisten die lang werkeloos achter hun pittoreske instrumenten zaten, even speelden, en toen ik weer keek waren opgelost in het zwart.
Kon ik de bevriende zangeres in het vijftigkoppige koor ontdekken? Met gemak. Ze was flink geschminkt, droeg een gigantische, vijvergroene baljurk met boothals en had haar haar in een streng over haar schouder hangen. Zag ze mij zitten? Als ik niet was komen opdagen was ik een dief geweest van haar portemonnee.
Abigaille, gezongen door Anna Pirozzi, die gehoorzaamt aan de oude operawet dat een stem moet zijn ingebed in vet, blies me uit mijn stoel. Wat een power! Hetzelfde geldt voor Zaccaria (Dmitry Belosselskiy). Als ik zo'n stem had, en zo'n projectie, zou er eindelijk eens naar me geluisterd worden... In de lage registers jammerde zijn vibrato, het deed me denken aan een stervende hond.
Na afloop, in afwachting van mijn weldoenster, keek ik vanaf het balkon van de foyer neer op het operagepeupel. Wit, van middelbare leeftijd, welgesteld en artistiek-beschaafd. Als je dat welgesteld weghaalt (en beschaafd misschien) dan is de omschrijving ook van toepassing op bovengetekende. Je vraagt je af hoeveel lijntjes coke, crystal meth en XTC je in de pauze moet aanbieden om iemand die niet wit is en niet van middelbare leeftijd naar dit soort voorstellingen te krijgen.