37. Private overpeinzingen



Ferwerda zat met Willem Brakman  op de WC en probeerde zich te concentreren op diens verzamelde korte verhalen, 2637 paginaatjes had hij gedownload op zijn telefoon. Eindelijk alleen. Tineke was met Malika naar Oerol, gezellig in één natte tent. Becky vierde de verjaardag van Jim, nota bene samen met Rambo – hij bedoelde Roman – ergens in het Schwarzwald. Hij had zijn zin gekregen, de jurist. Hij werd met rust gelaten, maar hij had moeite te profiteren van zijn vrijheid.
Zijn gedachten gingen naar zijn gebrekkige financiën. Hij was al jaren inkomensafhankelijk van zijn vrouw, en van een leegrakend familiepotje, dat was het punt niet, maar de opdroging van zijn juridische praktijk tegen het einde van zijn carrière was hem niet meegevallen. Ferwerda was graag met een knal uit het vak gestapt. Een zaak die iedereen versteld had doen staan, die nog jarenlang voor jurisprudentie zou zorgen, en misschien zelfs, in zijn stoutste dromen, tot behoorlijke neveninkomsten uit het schnabbel- en babbel-circuit, maar het mocht niet zo wezen. Hij was langzaam maar zeker naar de marge opgeschoven. Computeralgoritmes hadden zijn advieswerk vrijwel onnodig gemaakt, of spotgoedkoop.
De naam Ferwerda, die ooit nog standing had, in het notariaat tenminste, was niets meer waard, en hij nog minder. Wie had er behoefte aan een smoezelige, klungelige, overjarige jurist heden ten dage, als de jonge hipo's en masse van de universiteit kwamen met dubbele bullen, MBA's, RA's en wat niet al op hun CV? Met rechtsgeleerdheid alleen redde je het niet. Daarmee had je het nooit gered, er moest altijd iets bij, maar dat iets was in mr. Jan Jaap Ferwerda al lang geleden een stille dood gestorven.
Toen hij zijn handen waste, viel zijn blik op een pak Whoohoo! biologisch afbreekbare inlegkruisjes, grootste maat. Dat deed hem dan toch nog glimlachen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten