Gecornerd

M.C. Eschers laatste werk, Ringslangen (1969)


Net voordat ik de luxe supermarkt betreed – als vers gesubsidiëerde merk ik dat mijn bestedingspatroon een fractie omhoog gaat – word ik gecornerd door een figuur die op hoge toon beweert mij te kennen van vijfentwintig jaar geleden, of daaromtrent, en inderdaad, als hij voor me staat, druk gebarend, doet zijn rossige, ongeschoren, jongensachtige facie bij mij in de verte ook wel een belletje rinkelen.
Wat blijkt, we werkten beiden in de eerste helft van de jaren negentig voor het Rotterdams Filmfestival. Hij was huisfotograaf. Ik tikte stukkies voor de Festivalkrant.
Hij is nog steeds fotograaf, vertelt hij, terwijl hij iets dichter bij me komt staan, en zijn vrije arm (in de andere houdt hij boodschappen) in de lucht beweegt voor mijn gezicht, om zijn punt te maken. Het is een wezenskenmerk van het corneren, dat de gecornerde continu het idee heeft dat hij geen kant op kan. Telkens als ik een stapje terug doe, verder tegen de gevel van de winkel aan, doet hij een stapje naar voren.
De fotograaf vertelt dat hij thans goede zaken doet in de herpositioneringsbranche. Professionals van divers pluimage – uit alle delen van de wereld, als ik hem mag geloven – kloppen bij hem aan voor de vormgeving van een nieuwe gedaante.
Men wil zich voortdurend anders profileren op sociale media en wat dies meer zij, om zijn/haar boodschap nog beter voor het voetlicht te brengen, of zoiets.
'Je maakt dus portretfoto's?' zeg ik.
Ja, maar dat is maar een heel klein deel van wat hij doet. Het is een heel pakket aan diensten, dat hij levert, in samenwerking met bureau's.
Ik knik, hopende dat hiermee het onderwerp is afgesloten.
'Kom jij ook maar eens langs,' grinnikt de fotograaf.
'Dat kan ik niet betalen,' lieg ik, want ik kan het sinds kort waarschijnlijk wel betalen, maar ik heb er geen zin in.
Onder wederzijdse valse getuigenissen van interesse voor een follow up in de nabije toekomst laat de fotograaf mij eindelijk gaan.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten