Drieëndertigste werkdag



Mijn drieëndertigste werkdag bij de oud-bibliothecaresse – ze leeft nog! ze is gestopt met roken! ze is happy in het zorgcentrum! – was anders dan de vorige tweeëndertig, want deze werd betaald, en zoals u weet kom ik gratis en voor niets mijn bed niet meer uit. Sinds ik aan de grond zit ben ik een keiharde kapitalist.
Ik had nog een oude belofte uitstaan om haar een zonsondergang te laten bijwonen in Bloemendaal aan Zee.
Het werd een dagje aan het strand in Castricum aan Zee. De zonsondergang moet wachten.
Naar het strand met een 87 jarige. Hoe dan? Nou, door de octogenarian van de rolstoel af te wentelen op de passagiersstoel van de familiewagen, de rolstoel in de achterbak op te vouwen en het gaspedaal van voornoemde wagen in te drukken. Het reisje erheen vond ze al heerlijk. Dat was het ook. De dag hiervoor had het nog twaalf uur aan een stuk gemiezerd en nu scheen de zon alsof hij iets in te halen had.
Parkeren op de gehandicaptenplaats dicht bij de strandtent bleek geen optie, want deze gezelschapsheer (laat hieronder weten als u ook naar het strand wenst voor €20 ex BTW per uur) is nog niet in het bezit van een gehandicaptenparkeerkaart. De rolstoel met inhoud van de parkeerplek  omhoogtrekken de duinen in, ook al was het over een stalen spoor, was pittig.
'Als ik je nu loslaat, dan...,' hijgde ik.
'Ja,' zei zij.
'Maar niet loslaten dan.'
'Nee.'
Toen ik de strandrolstoel die ik had gereserveerd aan haar liet zien, zei ze: 'Godverdomme!' Het is ook een groot ding. Van Duitse makelij. Hij voldoet uitstekend, het is alleen een misverstand te denken dat die grote luchtbanden heel makkelijk door het rulle zand gaan.
Toen we in de strandstoelen zaten en de nazomerwind in onze gezichten lieten blazen, zei ze: 'Heerlijk.' Maar al vrij snel wilde ze opstaan.
'Waar ga je naar toe?'
'Lopen.'
En verdomd, ze liep, weliswaar aan mijn arm, van de strandstoel naar het water. Vervolgens zei ze: 'Ik kan niet meer.' We liepen weer terug. Dit herhaalde zich enkele malen. Een keer haalden we natte poten, maar dat vond ze niet erg. Wie bang is voor natte poten heeft op het strand niets te zoeken.
Het schoot nog door mijn hoofd dat het een mooi einde zou wezen, misschien met wat tranquillizers achter de kiezen, om aan de hand van een jongeman naar de horizon door te lopen.

11. Geluk (slot)

Jean-Jacques Henner

Na afloop hebben we uitgebreid gedineerd, Walter en ik, in The French Room in Dallas, exquis en niet goedkoop. Erykah kwam ook nog even langs, voor een laatste afrekening. Hoe lang had ik in die geairconditionede museale spiegelruimte gezeten? Voor mijn gevoel een week, maar het bleek dus maar een etmaal te zijn geweest. Een etmaal naar jezelf kijken, ik geef het de grootste zelfhaters te doen. Niet slapen ook vooral. Oorlog tegen de herhaling, de leegte... Herinneringen ophalen, daar kun je wat tijd mee vullen. Ogen dicht. Je oogleden zijn de kortste weg naar het verleden. Herdenk wat je ooit hebt beleefd, if anything. Als je het niet meer weet, verzin iets.
Ik dacht aan mijn vrouw, hoeveel ik van haar hield. Ik was vergeten hoeveel ik van haar hield. Ze moest eerst sterven voordat ik tot de ontdekking kon komen hoeveel ik van haar hield. Of hield ik van een fantasmagorie? Had ik haar geïdealiseerd omdat ze er niet meer was, tot een idool gemaakt, een halfgod van de dood? Had ik haar überhaupt wel gekend? Wist ik wel wie ze was, wat ze wilde, of ze gelukkig was?
Geluk is een speeltje voor ouderen. Die hebben er de tijd voor. De nog niet ouderen vluchten voor het geluk in het genot.
Nou ja dit soort dingen hielden me bezig, zei ik tegen Walter.
Walter zei dat hij wel degelijk had overwogen om 24 uur lang via de geluidsinstallatie een hele harde hele hoge piep te laten horen, een oorverdovend priemend geluid, 'het geluid van het niets', zoals hij het noemde, maar dat hij daar, mede op voorspraak van Erykah, toch maar van had afgezien.

10. Ex-driehoek

Arthur Secunda

Hier past enige uitleg over Walter. Walter was mijn radicaal biseksuele zwager, de tweelingbroer van mijn vrouw. Ik kon het goed met hem vinden, ik had zelfs het gevoel dat ik ook een soort tweelingbroer van hem was (misschien wou ik dat zijn), of laat ik het zo zeggen, er waren tijden dat we zo mooi samenvielen met elkaar dat je bijna zou vergeten wie met wie getrouwd was, wie met wie een liefdesrelatie onderhield en wie innig familiair was. Het maakte, at the end of the day, ook niets uit. Ik hoefde niet jaloers te zijn op Walter, noch op de aandacht die mijn vrouw voor Walter had (mijn vrouw was goddank niet jaloers aangelegd), en aangezien Walter een radicale biseksueel was (ik kende de term ook niet totdat Walter hem introduceerde; hij moest met een man en een vrouw samen zijn anders werkte het niet voor hem), en ik een seksuele opportunist, hoefde niemand elkaar een strobreed in de weg te zitten.
De situatie veranderde nogal toen mijn vrouw kwam te overlijden. De perfecte driehoek waaide als een tent in elkaar. Volgens scherp observerende Peter was ik naar Parijs verhuisd om Walter te ontvluchten. Ik was dus nogal verbaasd om zijn stem te horen in de Texaanse spiegelkamer waar Erykah van de veelbelovende startup U4U mij had achtergelaten.
'Walter! Wat doe jij hier?'
Op het ruisen van de airconditioning na was het doodstil. Tevergeefs zocht ik de ruimte af naar een speaker of een camera.
'Viktor.' Walter snoof omineus. 'Ik ben er niet. Alleen jij bent er en jij komt er nooit meer uit.'



9. Spiegelig



Yayoi Kusama

Ik bevond me in een wachtkamer met alleen maar spiegels, zag ik toen Erykah eindelijk zo vriendelijk was om die belachelijke zak van mijn hoofd te trekken en zelf tip tap tip te verdwijnen achter een spiegelwand. Overal, vloer, plafond: spiegels. En niet alleen rechthoekige, zoals in een kermisattractie, nee, hier was alles rond, afgerond, menselijk. De designlamp en de airconditioning: spiegels. Zelfs het bankje waarop ik geacht werd plaats te nemen was van spiegels; tussen mijn benen door keek ik in mijn neusgaten. Ze konden een knipbeurt gebruiken, evenals mijn kwastige wenkbrauwen. Ja, misschien moest ik eens durven afscheid nemen van al het haar dat mij nog restte; zoveel was het niet meer. Alles werd dunner en schaarser, ook en juist in de schaamstreek trouwens. Misschien dat Michael Q. Darling, of wie, – if anyone – er achter die naam ook schuilging, mij in deze adviseren kon. Hoe schoor een mens zijn rug en rectum? Wacht: niet te veel details graag, zo vroeg op de dag. Ik had wel wat anders aan mijn hoofd. Mijn tweede kop ijskoffie bijvoorbeeld.
'Hallo?'
Mijn kinderlijke begroeting klonk hol, en, nou ja, spiegelig. Er ging een siddering door mijn ruggenmerg toen ik mezelf honderd keer terugzag, op honderd verschillende manieren, of waren het er duizend, een miljoen wellicht? Ik zou ze nooit allemaal kunnen zien. Niet zozeer het idee van een kloon beangstigde me, maar mijn oneindige zelfbeeld. Dus zo zag de wereld mij: als een witte schim met bloed aan zijn poten.
'Hallo.' Waar het geluid vandaan kwam was niet duidelijk, maar wel dat dit hallo Nederlands werd uitgesproken.
De stem kwam me eveneens bekend voor.
'Ik ben Walter.'

8. Writers and frustration



Wat mocht ik verwachten? Er kwam geen einde aan de autorit naar waar dan ook. Op de Texaanse talk radio ging het uitvoerig over de brand die een gefrustreerde Japanse schrijver had gesticht bij een filmstudio in Kyoto; volgens de gefrustreerde Japanse schrijver hadden ze hem te weinig credits gegeven of iets dergelijks, niemand wist er het fijne van, ook de Texaanse kletsmajoors niet, maar dat er iemand gefrustreerd was, en dat die frustratie minstens 33 mensenlevens had gekost, daarover was iedereen het eens.
All writers are frustrated, riep ik tegen Erykah door mijn zwarte jute zak heen, but some are more frustrated than others.
Yeah riep ze terug. That's my impression as well. I know no other group of people so obsessed with their output and imprint. Perhaps their ego problem has something to do with the fact that the only compliment they take seriously is a compliment from themselves.
Eindelijk stopte de auto. De deur ging open, onmiddellijk drong een golf van hitte de auto binnen, alsof iemand een reuze föhn voor de portier hield. Erykah gespte me los en begeleidde me van de achterbank. Te oordelen naar de geur en de stoffigheid, bevonden we ons midden in de woestijn – of misschien toch op de filmset van een woestijn en verzon ik de geur en stoffigheid erbij.
Are you excited, vroeg Erykah op een toon die geen ruimte liet voor nee.
Sure, zei ik. But I don't know if it's the right kind of excitement.
You'll find out soon enough, zei ze en voerde me mee naar een donkere, koele ruimte.



7. Niet googlebaar



Meteen toen ik de Texaanse hitte instapte had ik spijt van mijn hagelwitte pak. Hoelang zou het nog duren voordat er een koepel over de wereld werd geplaatst, een virtuele koepel, waaronder permanente airconditioning op basis van zonne-energie? Leek mij een no-brainer maar wat wist ik? Erykah gaf me een haastige kushug op het parkeerterrein en wat er toen gebeurde was toch weer enigszins verrassend, dat wil zeggen, het stond niet in het contract kan ik me herinneren maar ik heb de kleine lettertjes niet gelezen, die lees ik nooit wat misschien een van mijn grote zwaktes is (Peter vindt dat ik überhaupt overal veel te onbezonnen instap, maar ja, leven is riskeren naar mijn bescheiden opvatting wie niets riskeert is dus eigenlijk dood, waarbij onmiddellijk moet worden aangetekend dat wie teveel riskeert misschien voortijdig afscheid moet nemen van datzelfde leven. Enfin.)
Nadat ik op de achterbank van de auto was neergezet schoof Erykah vliegensvlug een zwartjuten zak over mijn hoofd, die ze bovendien handig aansnoerde en vergrendelde bij de nek waardoor er geen mogelijkheid was om hem weer af te doen, hetgeen toch de eerste reflex is van elk mens bij wie iets ongevraagd wordt opgezet. Daarna gespte ze me behendig vast in de autogordel, nam plaats achter het stuur en reed weg.
Het is zaak normaal te blijven ademen, lachte Erykah.
Dat begrijp ik, zei ik, niet zonder angst maar ook niet zonder prettige spanning, maar waarom is dit nodig?
De gedachte vatte post dat Michael Q. Darling helemaal niet bestond. Het was me niet gelukt om hem te googelen (althans, de Michael Q. Darlings die wel googlebaar waren, voldeden op geen enkele wijze aan mijn profiel). Dit was ook precies het scenario dat Peter me alsmaar voorhield: U4U was een ordinaire scam, een betrekkelijk eenvoudige manier om goedgelovige, nieuwsgierige, licht depressieve en daardoor voor allerlei onzinnigheid gevoelige mensen geld af te troggelen.
Michael Q. Darling is een schuilnaam, zei Erykah boven de talk radio uit. We willen ook graag zijn precieze verblijfplaats geheimhouden om stalking te voorkomen.

6. Een foto liegt beter dan duizend woorden



Wat moest ik eigenlijk aan op de date met mijn dubbelganger? Die vraag drong zich bij me op toen ik mezelf in de lounge van het hotel in een spiegel zag: kaki korte broek, zwart t-shirt, eeuwige Jezus-sandalen. Moest ik me misschien wat, nou ja, ambitieuzer kleden? Want hoe ijdel je ook dacht dat je was, zelfs de minst ijdele moest toegeven dat een eerste indruk een tamelijk, nou ja, onuitwisbare beeld achterliet bij de ander, met name qua ambitie.
Wat zou Michael aanhebben?
Ik had van U4U geen foto's gekregen. Hier zat een gedachte achter, een foto gaf per definitie een draai aan de werkelijkheid, stolde de werkelijkheid op een willekeurig moment, waardoor het totale plaatje verdween, de Gestalt, en om die Gestalt ging het nu juist. Een foto, had Erykah gezegd, liegt beter dan duizend woorden. Michael Q. Darling was opgespoord dankzij U4U's gepatenteerde zoektechnologie, die bij het matchen slechts gedeeltelijk keek naar beschikbare foto's. Gedrag dat tevoorschijn kwam uit big data woog zwaarder. Er werd een profiel gemaakt niet bestaande uit leugenachtige selfies en impulsieve tweets, zoals in de sociale media te doen gebruikelijk, maar uit 'speciale coordinaten'. Hoe dat precies in zijn werk ging daar deed Erykah geheimzinnig over. Ik zou het vanzelf zien. Ze zweerde dat ik versteld zou staan van de striking resemblance die ik zou vertonen met Michael. Natuurlijk, er zouden ook een aantal belangrijke verschillen zijn, dat kon niet anders, taal om te beginnen en nog zo wat van die futiliteiten, maar die zouden in het niet vallen bij de Gestalt – die zou voelen als een kopie.
Ah, daar was ze eindelijk, Erykah, in haar teslaatje, om mij op te halen. In de gauwigheid had ik in mijn hotelkamer toch maar een hagelwit pak aangetrokken, met donkerpaarse loafers eronder die ik op het vliegveld had gekocht.

5. Transpirerende Tricia



Bij het ontbijt kwam er een vreemde neerslachtigheid over me. Niets was er meer over van de aanvankelijke, toegegeven: enigszins kinderachtige opwinding over de aanstaande ontmoeting met Michael Q. Darling. Ik voelde niet alleen dat ik deel uitmaakte van een totaal zinloze onderneming, die mij niets zou leren, alleen maar veel geld en tijd zou kosten, maar ook dat ik mijn energie, mijn aandacht als schrijver op volstrekt de verkeerde zaken richtte. Nu kon niemand een schrijver vertellen waar hij zijn aandacht op diende te vestigen, of zelfs maar welke boeken hij moest lezen, of welke routines hij zou moeten hebben. Schrijven is als zeilen op open zee zonder kompas, ik hoorde mezelf het cliché net nog in de saaie ontbijtzaal debiteren tegen de allercharmantste serveerster, Tricia genaamd, althans dat stond op haar naambordje, die, toen ze hoorde dat ik uit Nederland kwam (zelf had ze ook verre Nederlandse voorouders) en zei dat ik in Parijs woonde en schrijver was nog meer van haar charme ten toon spreidde (dat ik niet zo zolang geleden was verweduwd liet ik maar achterwege). De charme zat vooral in de zoete zweetgeur die ze verspreidde, deze Tricia, maar ook bijvoorbeeld in haar tongpiercing, die me op meer dan een manier fascineerde. Terwijl ze een gepocheerd eitje voor me maakte, fantaseerde ik over een toekomst met deze getongpiercede, transpirerende Tricia. Wat als ik nooit meer terug zou keren naar Parijs, laat staan naar Nederland (daar had ik helemaal niets meer te zoeken afgezien van een sporadisch bezoek aan mijn uitgever als die iets te vieren had bij voorkeur zijn eigen verjaardag; voor de rest deed ik alles per email), en een appartementje zou huren in Dallas en af en toe iets ging ondernemen met Tricia, zou ik dan gelukkig zijn? Waarschijnlijk niet, maar dat was ik nu ook niet. Ik begon toch weer meer zin te krijgen in mijn ontmoeting met mijn doppelgänger, misschien kon hij mij vertellen welke kant het met mij op moest.

4. De vuurzee in om de vuurzee te bedwingen



Ongelooflijk hoeveel tijd een mens tijd kan rekken door na te blijven denken, wakker te blijven, zich niet in slaap te laten sussen door welke verleidelijke tijdslurperij dan ook. Ik lag in mijn hotelbed te draaien. Niet zozeer omdat ik de airconditioning zoals altijd had uitgezet (ik lijd aan hypo-acusis, voor mij is elk geluid een geluid te veel; hoewel Peter zegt dat ik me aanstel) en dus onder een deken van humiditeit moest zien mijn bewustzijn uit te schakelen, wat nog niet meeviel, maar vooral ook omdat ik moest denken aan een artikel dat ik bij het saaie avondeten in de bepaald niet saaie Texas Jewish Post had gelezen over nota bene de Notre Dame. Hoe is het mogelijk dat de Texas Jewish Post beter geïnformeerd is over de brand in mijn geliefde kathedraal (ik ging er elke zaterdag heen om mijn vrouw te gedenken), dan Le Monde, Libé, etcetera? Hoe dan ook, een klein detail in de reconstructie van de brand en het blussen ervan hield me uit mijn slaap, namelijk dat de Parijse brandweer door vanuit een van de torens te blussen had voorkomen dat de hele godvergeten boel in elkaar denderde. Maar hiervoor moesten jonge brandweermensen dus eigenlijk de vuurzee in, en sommigen van hen, uit de banlieu, hadden dit geweigerd. De vuurzee in moeten om de vuurzee te bedwingen, dat komt in de buurt van vuur met vuur bestrijden. Ik vroeg me af wat ik had gedaan als ik geen ongebonden, verantwoordelijkheidsloze schrijver was geweest, recentelijk na de dood van zijn vrouw verhuisd naar Parijs, expat buurman van een Amerikaanse expat, etcetera, maar een gewone soldaat van het vuur uit de voorstad. Zou ik bereid zijn geweest mijn leven te geven voor een gebouw? Deze what if kon ik mooi voorleggen aan Michael Q. Darling morgen.

3. Jezelf tegenkomen



Jezelf tegenkomen op een verre reis – bestond er een groter cliché? Mij leek het juist logischer om jezelf tegen te komen in je eigen huis, in je eigen badkamer, voor je eigen spiegel. Dat je jezelf bestudeert, je rimpels onderzoekt, je gele tanden, je lodderige ogen vul zelf in, en dat je dan denkt: zo zo, ben ik dat? Hoe lang nog? En: zou ik niet toch eens mijn gezicht ergens voor veel geld kunnen laten verjongen?
Nee, de zelfontmoeting waar veelal solo-reizigers 'op een kruispunt in hun leven' op zoek waren was uiteraard van psychische en/of, en dat woord bezorgde me braakneigingen zelfs zonder inname van ayahuasca, spirituele aard. De mannen en vrouwen die in hun eentje de halve of hele wereld afreisden, die zich afbeulden, de eindeloze eenzaamheid opzochten of juist allerlei slaapverwekkende groepsrituelen om zichzelf tegen te komen waren uit op een dieper zelfinzicht dat hun duidelijkheid zou brengen over de te maken cruciale keuze waarvoor ze stonden, of zoiets. Ik geloofde er niet in. Ik geloofde nergens in, dat was in zeker opzicht ook mijn probleem, hoewel ik het tegelijkertijd bevrijdend vond dat het leven geen zin had of hoefde te hebben.
Toch moest ik mijn Parijse buurman Peter ongelijk geven: mijn Texaanse trip was geen narcistische expeditie. Mijn narcisme werd begrensd door mijn gebrek aan interesse in mezelf.
Jij bent gewoon bang om in je eigen ziel te kijken, had Peter toen gezegd. Je bent bang voor wat je daar aan zult treffen.
Ik wierp tegen dat ik liever naar mijn ziel keek via de ziel van mijn dubbelganger, dat ik van spiegels hield om het spiegeleffect.

2. Zelfonderzoek



Tijdens de saaie vlucht naar Dallas, maar ook nu weer, alleen op mijn saaie hotelkamer, heb ik uitentreure nagedacht, dacht ik, over de ontmoeting met Michael Q. Darling. Wat mij aantrok in het idee van een perfecte dubbelganger was niet wat een eeneiïge tweeling moest aantrekken in een hereniging na een jarenlange scheiding. Ik was niet uit op de fantasie hoe het zou zijn als ik mijn leven anders had geleefd, als de genen-set waarmee ik was gezegend (of belast), andere keuzes had gemaakt en dat de tweelingbroers dan bij samenkomst erachter zouden komen dat ze wonder boven wonder dezelfde soort partner hadden gekozen (paardenstaart), dezelfde soort auto reden (Prius), en dezelfde soort boeken op hun nachtkastje hadden liggen (Harari). Nee. Het ging me er nu juist om dat ik iemand wilde ontmoeten die niet dezelfde genetische make up had, maar wonder boven wonder erg op mij leek. Heel erg, zelfs. Iemand dus die via een volstrekt andere weg bij hetzelfde punt was aanbeland. Niet alleen qua uiterlijk, juist ook qua karakter. U4U maakte dit alles mogelijk dankzij 'gepatenteerde search-technologie' (waarover Erykah nogal geheimzinnig deed, het enige dat ze erover kwijt wilde was dat Google interesse had getoond in een overname van het kleine bedrijfje uit Glasgow, maar dat kon iedereen beweren).
Niettegenstaande mijn verklaarde filosofische motieven, kon Peter, mijn eveneens alleenstaande buurman in het 20ste in Parijs,  toen hij van mijn kostbare plan hoorde (dat ik had gefinancierd uit een erfenis) niet nalaten op te merken dat dit zogenaamde zelfonderzoek hem voorkwam als een nodeloos ingewikkelde vorm van narcisme.

1. Doppelgänger


Enigszins opgewonden en nerveus toch wel, maar op een goede manier opgewonden en nerveus, stapte ik uit het vliegtuig in Dallas, Texas, en begaf me per taxi naar het terras van restaurant Big Dipper, in het centrum, voorzover daar bij deze stad sprake van is, op een steenworp afstand van waar JFK's brein en plein public uit zijn schedel werd geschoten, voor mijn langverwachte afspraak met mijn Doppelgänger.
Dat wil zeggen, ik zou vandaag nog niet mijn Doppelgänger te zien krijgen, ik zou eerst contact hebben met een afgevaardigde van het bedrijf dat mij mijn Doppelgänger had bezorgd, U4U, en dan zouden we een dag later samen Michael Q. Darling, want zo bleek mijn dubbelganger te heten, een bezoek brengen. Hij woonde in een appartementencomplex in de wijk Preston Hollow, op zichzelf' Dat klopte alvast, dat hij op zichzelf woonde in een flat, want dat deed ik ook, en trouwens ook dat hij 'schreef' voor zijn 'werk', maar veel meer bijzonderheden dan dat had ik niet.
'So sir Viktor sir, are you at all jetlagged,' probeerde Erykah, de contactpersoon van U4U, conversatie te maken. Ik was niet verbaasd door het sir Viktor sir, want zo was ik vanaf het allereerste begin bejegend door U4U, en ik vond die aanspreektitel eigenlijk wel prettig. Viktor zou te intiem zijn geweest, en sir Frölke te zakelijk.
Erykah, een nors kijkende jonge vrouw met dreadlocks en Caraïbische roots (schatte ik),
Kinda, glimlachte ik, en dat was ook zo, al was ik aangenaam met de tijd mee gevlogen en kon ik dankzij de inslapertjes die ik mijn huisarts had laten voorschrijven, toch nog een paar uur mijn ogen dichtdoen. I'm really looking forward to tomorrow, slijmde ik, ik weet niet waarom, ik had helemaal geen reden om te slijmen aangezien ik U4U een vorstelijk bedrag had betaald voor hun diensten.
Erykah knikte, haalde de papieren erbij. I have to check: do you have a medical history that we need to be aware of?

Help Viktor Frölke de zomer door


Since you're here... mag ik even? Contrair tot wat veel mensen denken kost schrijven geld. Sine qua non voor het construeren ener verhaal, lang of kort, is dat de constructor niet voortijdig komt te overlijden. Benodigdheden voor het niet voortijdig laten overlijden: onderdak en voedsel – ook geestelijk, maar niet overdreven. Zeker en vast, u en ik ook, leven in een land waar niet zomaar mensen doodvriezen op straat, ook niet in de zomer, Maar Dan Ben Je Er Nog Niet. Voor schrijven is ook vereist: vrijheid van afleiding. Mijn verzoek aan u is of u een klein beetje van deze afleiding voor mij wilt afkopen.
Frequent gestelde vragen.
1. U snoept al een tijdje prettig uit de staatsruif. Antwoord: dat is juist, maar de subsidies van het Interpunctiefonds zijn, hoe sympathiek ook, nogal ontoereikend. Probeer eens twee jaar te leven van 15 mille. Dat gaat je niet lukken, niet aan de Amsterdamse Rivièra in elk geval. Technisch – spiritueel ook trouwens – zit ik onder de armoedegrens.
2. De economie draait als een tierelier, kunt u niet schrijfseminars geven aan topadvocaten, topbankiers en andere topmensen? Die hebben er vast wel wat voor over om van u te leren hoe ze moeten schrijven om te worden gelezen. Antwoord: ik heb enige tijd geleden precies 1 keer voor bankiers zo'n workshopje mogen geven. Daarna werd het stil.
3. Viktor, zou je niet eens iets in het onderwijs proberen? Antwoord: bedankt voor de suggestie. Ik heb het geprobeerd en probeer het nog steeds, maar om nu te zeggen dat het onderwijs al mijn geldzorgen verpulvert gaat wat ver. Daarenboven: onderwijs zorgt voor nieuwe afleiding (soms leuke afleiding, daar niet van).
4. Je zou toch bij de pojisie? Dat zou ik ja. De pojisie dacht er anders over.
5. U had toch een moeder met een gat in haar hand waaronder u graag schuilde? Anders gezegd: waarom komt u bij ons arme lezertjes bedelen terwijl het net zo goed bij uw moedertje kan? Antwoord: die lieve moeder heb ik nog steeds, en ze is heus bereid hier en daar wat kleedjes recht te trekken zoals dat heet, maar Dan Ben Ik Er Nog Niet. Bovendien gelooft zij ook zeker, conform haar laat-katholieke grondbeginselen, in Loon Naar Arbeid, en Voor Niets Gaat de Zon Op en Als het Kalf Verdronken is Dempt men de Put. Enfin.
6.Als iedereen uw bedelvraag negeert, betekent dat dan dat we op dit blog nooit meer iets nieuws te lezen krijgen? Antwoord: zo heet wordt de soep niet gegeten, ik vind schrijven ook Gewoon Leuk. Maar als u wat doneert ga ik het leuker vinden.
7. Waarom zou ik? Antwoord: het is zaliger te geven dan te ontvangen (Handelingen 20).
8. Is vijftig cent genoeg? Antwoord: misschien niet. Laat mij adstrueren. Het feuilleton, 'Becky', of 'Brilliant destruction', daar ben ik nog niet over uit, dat 48 afleveringen telde, beslaat 15000 woorden. Voor een digitale novelle van zestig pagina's zou u in een winkel €2,50 of daaromtrent moeten neerleggen.
9. En als ik nu al jarenlang hier op uw spotje rondhang en nog nooit iets heb betaald? Antwoord: ...
10. Wat is uw rekeningnummer. Antwoord: NL88ABNA0545272254. Contrair tot wat veel mensen denken worden schrijvers graag beloond in harde valuta.

48. Uitvaart (slot)





Laten leven of niet laten leven, dat is de vraag.
Het auto erotisch ongeval, zoals dat heet, van Jim Beau Hollak (Capetown 2002 – Amsterdam 2019), vertelde Ferwerda me toen hij uitgeloogd bij mij thuis verscheen, was het begin van het einde, nee: het einde van het einde. De emotionele geschiedenis herhaalde zich, maar bleef ook in die herhaling onbegrijpelijk – of in elk geval onvoorspelbaar, zeker van een veilige afstand. Je had alle factoren kunnen kennen, alle variabelen op een rijtje kunnen hebben en daarbij hun onderlinge weging en dan nog zou je verbaasd zijn over hoe het was gelopen.
Ferwerda werd uitgelogd door Becky. Niet zozeer omdat hij alles had verprutst en in haar woorden een motherfucking nincompoop was, maar omdat Roman in haar ogen een betere trooster bleek. Ze konden elkaar troosten, wat minder scheefte in de relatie ten gevolge had. Vooralsnog bestond het wederzijds troosten van de verlieshebbende ouders overigens met name uit langdurige tripjes naar het Schwarzwald. Wat ze daar deden wist zelfs god niet, behalve dat Becky erin slaagde Roman bij de drank weg te houden.
Of Ferwerda ooit zijn liefdesbaby in ogenschouw zou mogen nemen, of hij haar (het was een zij!) mocht wiegen, flesgeven en kussen, hing af van Becky's goedertierenheid (en van zijn cash flow denkelijk).
Het einde van Ferwerda's engagement, arrangement, hoe je het noemen wilde, misschien was verlengde erotische escapade toch de beste term, viel samen met de volledige inwoning van Malika. Op de een of andere manier voelde het volkomen logisch om de inktzwarte theoretische fysica in het huishouden op te nemen, niet in de laatste plaats omdat ze huur betaalde in de vorm van Soedanese liedjes, waarvan ook Ferwerda moest toegeven dat ze de ziel beter zalfden dan Brel of zelfs Mahler (nou ja, meestal). Wie Malika's diepe, hese stem hoorde, begeleid door zacht hoewel af en toe op het oor vals en a-ritmisch getokkel, wilde alleen nog maar alles en iedereen omarmen – vooral ook háár. Niet zelden bevonden de zestigers zich met hun aangenomen promovenda in een driewegomhelzing. Moet ik nog vermelden dat ze goed en graag kookte en fluitend de was deed?
Jims uitvaart in het steriele crematorium werd massaal bijgewoond door prachtige jonge mensen. Het ene na het andere cosmetisch goed gelukte wonderkind nam het woord en bezong de lof van één kant van de uit het leven gerukte. Niemand kende alle kanten tegelijkertijd, misschien was dat de tragiek.

47. Brilliant destruction


Annibale Carraci

Toen ze aankwamen bij de flat, Becky, Roman en Ferwerda, the odd trio, troffen ze Mischa, de Berlijnse kennis aan op het balkon waar ze in haar onderbroekje een elektrische joint zat te roken. Waar is ie? riepen ze alledrie tegelijk in verschillende talen. Mischa haalde haar magere schouders op. In seinem Zimmer, selbstverständlich! Ferwerda was zo’n man die op dat moment, net zoals ik, onder die omstandigheden, zich afvroeg of seinem wel de juiste naamval was en ging in gedachten razendsnel het rijtje voorzetsels voor derde naamval, mit, nach, nebst enzovoorts af. 'In' zat daar niet bij. 'In' behoorde tot de voorzetsels die nu eens de derde naamval kregen, dan weer de vierde, afhankelijk van, als hij de Duitse les van mevrouw Pilar goed had onthouden, de vraag of er in ‘in’ beweging zat of niet. Was dat, by the way, niet de Grote Vraag van het Leven?
Roman stampte de deur van Jims kamer met zoveel geweld in dat zijn schoen bleef haken in de kapotte holte. Het was helemaal niet nodig geweest, de deur was gewoon open.
Binnen in de jongenskamer, helemaal zwart geverfd, van onder tot boven – inclusief plafond – en met niets aan de muur afgezien van een Brilliant Destruction poster, lag het krullerige genie op bed, in verkrampte houding, verpakt in een nauwsluitend zwartleren pak, naast een openstaande laptop, waaruit een draad hing die richting zijn kruis liep. Het tableau deed nog het meest denken aan een eeuwenoud kunstwerk. 

46. Volledig incommunicado



Ta-ta-ta-ta-ta-ta-ta! klonk het vrij luid in de therapieruimte. Your love gives me such a thrill. But your love won't pay my bills. I want money.
Dat was de telefoon van Becky, by way of The Flying Lizards by way of The Beatles by way of een oud bluesnummer, dat ooit pijn deed, maar in deze versie uit de jaren tachtig subliem was geïroniseerd.
Becky stond op en liep naar de gang. Veel schaamte kende ze niet; discreet was ze wel.
Wat nu weer, dacht Ferwerda. Roman kon het niet zijn; die zat hier te spelen met zijn loper. Jimbo natuurlijk, die belde voor elk wissewasje. Nee, wacht, die belde helemaal nooit, dat was het probleem juist, die liet niet eens meer appjes achter, die was volledig incommunicado de afgelopen periode. De sociale media hadden zijn anti-sociale gedragingen verder aangewakkerd, gelegitimeerd. Ferwerda had de puber nog met weemoed verteld hoe hijzelf lang geleden vanuit verre oorden zijn moeder belde (zijn vader wilde hij liever niet aan de lijn hebben). Altijd collect. 'Jan Jaap Ferwerda calling. Do you accept the charges?' Maman, maakt u nog wat over? Ferwerda zou willen dat hij nu, tegen zijn pensioen aan, haar nog eens collect kon bellen maar als ze de telefoon al opnam, hoorde hij alleen nog gepiep en gehijg.
De overgebleven jaloezie-patiënten in de therapieruimte zwegen. Frank maakte van de gelegenheid gebruik verse rooibosthee te zetten en de schaal met ministroopwafels aan te vullen. Ferwerda kwamen zowel de ministroopwafels als de rooibosthee de neus uit, maar hij wilde geen spelbreker zijn. Verveeld speelde hij met zijn toren. Hij vroeg zich af waarom hij geen koning had gekozen.
Toen stormde Becky de ruimte binnen. Janja, Roman, help! Something terrible happened to Jimbo!

45. Jaloezie als seksuele energie



Jan Jaap, hoe zit het met jouw jaloezie?
Mijn jaloezie staat doorgaans wijd open, zei Ferwerda, de therapieruimte rondkijkend of zijn woordgrap bij iemand aan was gekomen. Het lukt mij slecht, vervolgde hij, om lang jaloers te blijven op iemand om iets of iemand. Niet dat ik nooit enige jaloezie voel, wel degelijk, niets menselijks is mij vreemd, dikwijls ben ik verbaasd door mijn jaloerse gevoelens, zoals wanneer ik hoorde dat Roman, – die zich tot mijn vreugde de rol van loper heeft toebedeeld zie ik – met mijn wederhelft danste op een niet nader genoemde lokatie. Was ik ontstoken in jaloerse razernij en withete afgunstige furie, als hij ook nog diepgaande gesprekken had gevoerd, diepergaand dan tot aan haar baarmoedermond?
Jezus Japi, kwam Tineke tussenbeide, waarom moet het weer zo plastisch? Wat is dat toch voor vreemde neiging om alles zo lomp te formuleren, in deze intieme context nog wel?
Ik denk even hardop.
Gebruik dan een filter.
Ho wacht, nee, zei Frank, hier mag ongefilterd gedacht worden hè, alles wat in deze ruimte gezegd wordt, gedacht en gedaan, blijft in deze ruimte, dat is het mooie hè.
En die camera daar dan, mompelde Roman, wijzend op een oog aan het plafond. Zien we deze sessie straks terug op jouw website voor promotionele doeleinden?
I should have put on my new Prada dress... schaterlachte Becky, die het gesprek niet helemaal volgde. Er waren weinig vrouwen die zo schaamteloos konden schaterlachen als Becky, om de verkeerde reden, en die daarbij ook nog hun bekoorlijkheid bewaarden, nee, die door dat ongepaste schaterlachen zelfs nog bekoorlijker werden.
Frank maande het gezelschap tot kalmte.
Ik ben jaloers op Tineke haar academische status, ging Ferwerda verder, op haar theoretische natuurkunde waar ik niet bij kan, maar nog het meest op haar soevereine geneuzel met haar Soedanese by way of London promovenda... Maar dit is het vreemde: het windt me ook op. Uit zelfbehoud zet ik mijn jaloezie om in seksuele energie.
Frank knikte driftig.
Iedereen, ook Becky, keek naar Malika, die op haar beurt naar Tineke keek, angstig, als een pion op de vlucht.

44. Zelos



De ziekmakende combinatie van bezitsdrang, achterdocht, woede en vernedering die je gedachten kan beheersen en je binnenste kan bedreigen terwijl je nadenkt over je rivaal. Dat was de werkdefinitie van jaloezie die Frank had opgeduikeld bij Esther Perel, die hogepriesteres van de moderne liefde, by way of evolutionair antropologe Helen Fisher. Perel had nog meer leuke weetjes. Bijvoorbeeld dat jaloezie afstamt van het Griekse zelos, oftewel zeal oftewel drift, ijver en dat Noord-Europese culturen hun uiterste best doen om jaloezie uit te bannen, terwijl Zuid-Europese culturen haar (hem?) juist omarmen. Enzovoorts enzoverder tot in de eeuwigheid amen. Vragen?
Ja, hier, zei Ferwerda. Tineke, hoe kan het dat jij nooit jaloezie hebt gevoeld ten aanzien van Becky?
Hoe weet je dat zo zeker? kaatste ze terug, denk je dat ik het leuk vind om jouw emails aan haar te lezen? Denk je dat ik met plezier kennis heb genomen van de verschillende standjes op de verschillende locaties die jullie hebben uitgeprobeerd? Denk je dat mijn hart een vreugdesprongetje maakte toen ik zag dat zij drie cups meer van boven en een drie cups meer van onder heeft dan ik? Denk je dat ik er aardigheid aan beleef om mij voor te stellen hoe jullie met zijn tweetjes grappen maken over mijn wereldvreemdheid? Denk je dat ik geniet van jouw aanstaande vaderschap bij de bijvrouw die mijn dochter zou kunnen zijn? Denk je dat ik geen voodoo-poppetje heb gemaakt en daarin spelden heb gestoken om vervolgens het geheel in de brand te steken op een geheime plek (in de garage, als je het zo graag wilt weten) en over de as mijn behoeften te doen? Denk je dat ik niet heb overwogen om Becky's extended toe nails af te breken, haar haar in de nacht af te knippen, en met een hamer haar mobiele telefoon aan gruzelementen te slaan? Denk je dat ik geen zin had om die Taylor, die geweldige fysio van jullie tweeën, om te kopen om hem tijdens een stretchsessie jouw enkels te laten breken? Denk je dat ik geen zin had om, als jullie weer eens aan het dineren waren op mijn kosten krijsend een fles te dure wijn over jullie beide hoofden uit te gieten?
Tineke, onderbrak Frank, dank je voor je openhartigheid hè. Wie wil er nog rooibos?

43. Schaaktherapie



Nou goedemorgen allemaal hè, heette zijige Frank de deelnemers aan de systeemtherapie welkom, ik heb een afzegging van Jimbo, maar daar staat tegenover dat Tineke Malika heeft meegenomen... Hallo Malika. Vandaag gaan we het op veler verzoek hebben over jaloezie, maar eerst even dit hè. Frank wees met zijn glimmende neus op de felgekleurde, wijnflesgrote, therapeutische schaakstukken op tafel. We gaan schaken. Kies zelf een stuk. Geen beperkingen hè. Mag ik erop wijzen dat de Koning het belangrijkst is maar ook nogal wordt beperkt in zijn bewegingsvrijheid? Ik zou toejuichen hè, als iemand durft een paard te zijn. Grillig en a-symmetrisch. Ook een pion heeft zo zijn voordelen. Nou denk er maar eens over na, maar niet te lang hè.
What the fuck is he rambling on about? siste Becky vanachter haar telefoon tegen Ferwerda, die recht tegenover haar zat, naast Roman. Malika en Tineke zaten bijna op elkaars schoot.
That life is a chess game honey bunny. We zijn allemaal schakers of we willen of niet. We jagen op elkaar, proberen elkaar mat te zetten, maar meestal eindigen we in een patstelling.
Goed zo Jan Jaap, jubelde Frank, heel goed!
Ik zou willen adviseren, bromde Roman, de schaak-metafoor niet te ver door te voeren.
Aan de andere kant van de tafel fluisterde Tineke Malika de spelregels van het eeuwenoude, zinloze, gekmakend complexe spel in het oor. Met haar brille, dacht Ferwerda, veegde ze waarschijnlijk in vierentwintig zetten of minder iedereen van het bord.
Ik ben een toren, zei hij tenslotte, om het goede voorbeeld te geven. Hij hield het overeenkomstige, wijnrode plastic stuk in de lucht. Ik sta voor soliditeit.
Roman schudde zijn hoofd.
Tineke zei triomfantelijk: Malika en ik zijn allebei Dame. Ik was er al een. Malika is zojuist gepromoveerd.


42. Type



Vind je dat ik iets moet doen aan mijn moobs? Eerlijk zeggen. Jan Jaap Ferwerda schaamde zich voor de vraag, zo losjes mogelijk gesteld op de vrijwel lege parkeerplaats in het moderne ghetto waar Becky en Jim domicilie hielden. Toch bleef hij zo benieuwd naar Jims antwoord, dat zijn hart, niet voor de eerste keer die avond, klopte in zijn keel.
De jongen draaide zich in de passagiersstoel naar hem toe. Je moobs?
Manboobs, de opeenhopingen van overtollig vet die zich bij mannen van een zekere leeftijd vormen rondom de tepels... Grijnzend pakte hij door zijn overhemd zijn eigen borsten beet.
Jim keek op zijn telefoon. Nee jôh, waarom in godsnaam?
En mijn pens, die kan je ook niks schelen?
Een felle klap galmde in de nacht. Ferwerda dacht meteen aan een pistoolschot. Als het een pistoolschot was, waar was dan het slachtoffer? De dader zou de tanige jongen verscholen in zijn capuchon op de crossfiets kunnen zijn die Ferwerda ontwaarde in zijn achteruitkijkspiegel, maar er was geen bewijs, van wat dan ook.
Eh... Jim richtte zijn glinsterend groene ogen omringd door de aandoenlijke bos krullen tot zijn geïmproviseerde stiefvader.
Ja?
Ik wou je bedanken voor vanavond... Ik hoop niet dat ik een stoorzender ben in jouw huishouden... Superfijn om met je te praten... Voor mijn gevoel kan ik alles tegen je zeggen... Maar...
Wat?
Eh... je bent niet mijn type. Als je begrijpt wat ik bedoel. Sorry. Ik moet gaan.
De tiener gaf hem een beleefde kus op de mond, wurmde zijn lange lijf uit de auto en sjokte met zijn rugzak naar de centrale deur van het flatgebouw.
Boven bij Becky brandde geen licht.
Ferwerda draaide zijn raampje open en trommelde op de portier. Hij wist niet of hij teleurgesteld moest zijn of opgelucht.


41. Welk huwelijk?




Tineke en Malika namen een boot eerder terug naar het vaste land. Behoorlijk opgelaten hadden ze zich gevoeld toen ze in een strandtent op Terschelling, door de ANWB aangeprezen als een 'gelukzalig pottenparadijs', werden aangegaapt als waren ze een speciale, lopende tentoonstelling van het Koninklijk Instituut voor de Tropen.
Tegen middernacht stommelden de theoretisch natuurkundige tortelduiven het huis in de stad binnen, waar zij tot in elk geval Malika's verbazing – en toch ook wel een beetje die van Tineke – Ferwerda aantroffen in het echtelijke bed, met naast zich niet Becky, zijn prijsmilf, maar de hoogsensitieve Jimbo. Beiden lagen op hun rug in boxershort, Ferwerda met zijn armen gekruist onder zijn hoofd; de tiener met zijn draadloze koptelefoon op en een werkend scherm binnen handbereik. Het was niet duidelijk wat zich op dit scherm afspeelde; dat het bewoog, daarover bestond geen twijfel.
Op de borst van de jongen prijkte een tatoeage van Madonna.
Wat zijn jullie aan het doen? vroeg Tineke.
Waar lijkt het op? Ferwerda griste zijn knijpbril van het nachtkastje.
Op een privé-onderricht over de Nederlandse advocatuur, zei Tineke, zij het op een vreemd tijdstip, en een vreemde plek.
Fout. We zijn naar de film geweest voor Jims verjaardag, en toen hebben we na afloop nog wat gedronken in de tuin.
Dus nu zijn de buren ook op de hoogte.
Sinds wanneer bekreun jij je om de buren Tien? En waarvan zouden ze volgens jou nu op de hoogte zijn?
Van de complete puinhoop in dit huwelijk.
Welke puinhoop? Welk huwelijk?
Luister, Japi, ik maak nog even wat thee voor Malika en mij. Als ik straks boven kom wil ik dat ons bed is teruggebracht in zijn oorspronkelijke staat. Zo niet bel ik de politie.
Ze sloeg de deur van de slaapkamer dicht.
Pak je spullen, Jim, zei Ferwerda somber, dan breng ik je naar je moeder.



40. Eeuwig heet



Het leek alsof Tineke weken weg was in plaats van dagen. Er kwam geen eind aan de lekker- en jaloersmakende berichtjes over de provisorische huwelijksreis die ze met Malika aan het maken was – zonder de camping zelfs maar af te komen, als je haar moest geloven:
Het is eindelijk droog Japi maar wij blijven bij de washokken. Zodra de zon zich laat zien, verhuizen de cultuurkampeerders naar het strand of ze trekken massaal de duinen in voor een of andere voorstelling. Dit geeft Malika en mij ruim de tijd elkaars ruggen te schrobben onder de douche... Je zou die Oerolgangers – wit, weldenkend en bejaard – moeten zien kijken als ik de douchecabine induik met in mijn kielzog een halfnaakte inktzwarte afrodite, een Nubische liefdesgodin, die onder de douche ook nog liedjes zingt, omdat ze daar zo lekker galmen, ook naar de herendouches.... Je ziet de paniek in de ogen van die vrouwen: wat gebeurt hier? Als dit is toegestaan, dan is alles toegestaan! Er was letterlijk één man die ons goedkeurend toelachte, een man in een wit pak met een zware hoornen bril op en met een bronzen stemgeluid – die me nu weer juist aan jou deed denken Japi. Knettergay trouwens maar dat is een ander hoofdstuk... Enfin, het probleem met die campingdouches is dat er een timer op zit. Een digitale, dat had ik nog niet eerder gezien. Van de camping, hoe cultuurminnend ook, mag je niet langer dan vijf minuten douchen, dan gaat de stop erop, dan wordt de wereld in een klap ijskoud, je ziet dat mechanisme voor je neus sadistisch aftellen, nog zoveel hete seconden, dus je moet opschieten met wat je dan ook van plan bent... Gelukkig heeft de camping niet gerekend op het vernuft van Malika, die die klok in een handomdraai hackete, waardoor het voor ons eeuwig heet bleef... Ze heeft ervaring met dit mechanisme... Tot morgen, Japi. Ik ben pas laat thuis dus reken maar niet op mij. Vergeet je de systeemtherapie niet?

39. Tikkende tent

José Firet

Ferwerda liet me het berichtje zien dat Tineke had geschreven vanaf Oerol.
Japi, het regent hier nu veertien uur aan een stuk. Malika en ik hebben het fijn in de tent. We hadden niet verwacht dat we de tent niet zouden hoeven uitkomen, we hadden verwacht dat we nog wel wat cultuur zouden opsnuiven, in de bossen en de duinen, in de straatjes van de pittoreske dorpjes, maar dat blijkt dus helemaal niet nodig. Eén matje, dat is genoeg... ja af en toe even de pan met pis legen en op en neer rennen naar het winkeltje... we zijn vanochtend wezen naaktzwemmen in het duinven bij de camping; wanneer hebben wij dat voor het laatst gedaan? Was trouwens stervenskoud, maar als je in beweging blijft, dan valt het wel mee. Weet je een beetje raad met jezelf in dat lege huis? Zoals bekend mag van mij mag veel maar ik wil dat mens niet in ons bed... Dan steek je je piemel maar in de stofzuiger... Wacht, ze is in het Schwarzwald. Zij liever dan ik... Geef mij maar Terschelling, lees: de tent die altijd tikt... Malika vertelt me het ene ongelooflijke verhaal uit haar jeugd na het andere – vergeleken met haar lijkt het alsof ik helemaal niets heb meegemaakt –, maar nog meer geniet ik van haar zang. Ze begeleidt zichzelf op gitaar... Afrikaanse liedjes inderdaad, Japi, dat heb je goed begrepen. Lieve liedjes. Misschien gaan die liedjes over vreselijke dingen, dat moet ik nog eens navragen, maar ze klinken in elk geval heel lief. Japi, ik vind het lastig om uit te leggen, maar met Malika voelt als thuiskomen. Dat komt nog niet eens zozeer door haar goddelijke lijf (dat je, jou kennende, vast al bewonderde op Insta), haar lieve liedjes of haar verhalen, maar vooral door de theoretische natuurkunde. Die delen we op een fundamenteel niveau... Zorg goed voor de planten Japi, en voor jezelf. Doe eens een keer geen stomme dingen. Yours eternally, T.
Ik vind het wel sexy, zei ik.
Ferwerda knikte. Hm-hm, maar hoe nu verder?

38. Knol, pompoen of honkbalhandschoen



Is ze een knol of toch een pompoen, vroeg Ferwerda zich af terwijl hij zijn moeder bekeek. Voor beide viel wat te zeggen. De vergelijking kwam uit Brakmans verhaal 'Bij de gepensioneerden', waarin de schrijver het gezichtspunt aanneemt van een vrouw, altijd tricky, maar dat veel uit het leven gegrepen beschrijvingen bevatte van 'oudjes'. Veel leedvermaak kon Ferwerda zich op dit vlak niet veroorloven. Hij was zelf bijna gepensioneerd. Nog niet zo gepensioneerd als zijn moeder misschien, maar toch. Zijn kuitspieren waren stijf en hij had een nieuwe tic met zijn tanden. Hij knarste met de ene hoektand over de buitenkant van de andere, uren achtereen; in bed, op de bank, overal. Irritant. Hij wou dat hij ermee ophield (hou er dan mee op, had ik gezegd, maar zulke aansporingen waren zinloos).
Misschien was zijn moeder toch meer een knol dan een pompoen.
Maar wat was hij dan? Hoe ouder een mens werd hoe kleiner het onderscheid tussen man en vrouw.
Ferwerda zat tegenover zijn moeder bij het raam, haar vaste plek, met de ongebruikte afstandsbediening binnen handbereik. Ook de cola voelde zoals altijd lauw, maar geen klachten van de gepensioneerde.
Opeens keek ze hem strak in de ogen aan en raspte: Ik verveel me dood!
Dat was meer dan ze in tijden tegen hem gezegd had.
Dat verbaast me niks, zei Ferwerda na een vreemde stilte. Wanneer bent u voor het laatst buiten geweest?
Geen antwoord. Ook de freule-achtige verzorgster kon hem wat dit betrof niet helpen.
Ferwerda overwoog zijn knetterdemente moeder over het strand mee te zeulen, in haar rolstoel, maar eerst bekeek hij de tientallen, honderden foto's van Malika's instagram nog eens op zijn telefoon. Een schoonheid, zoveel was zeker, in de meest ongepolijste vorm, en dat kwam niet alleen omdat ze geen make up droeg of niet modieus probeerde te zijn. Ze was meer, ze was een gevaarlijke schoonheid. Pompoen noch knol zou ze ooit worden. Misschien een oude leren honkbalhandschoen.



37. Private overpeinzingen



Ferwerda zat met Willem Brakman  op de WC en probeerde zich te concentreren op diens verzamelde korte verhalen, 2637 paginaatjes gedownload op zijn telefoon. Eindelijk alleen. Tineke was met Malika naar Oerol, gezellig in een natte tent. Becky vierde de verjaardag van Jim, nota bene samen met Roman ergens in het Schwarzwald. Hij had zijn zin gekregen, de jurist. Hij werd met rust gelaten, maar hij had moeite te profiteren van zijn vrijheid.
Zijn gedachten gingen naar zijn gebrekkige financiën. Hij was al jaren inkomensafhankelijk van zijn vrouw en van een leegrakend familiepotje, dat was het punt niet, maar de opdroging van zijn juridische praktijk tegen het einde van zijn carrière was hem niet meegevallen. Ferwerda was graag met een knal uit het vak gestapt. Een zaak die iedereen versteld had doen staan, die nog jarenlang voor jurisprudentie zou zorgen en misschien zelfs, in zijn stoutste dromen, tot behoorlijke neveninkomsten uit het schnabbel- en babbel-circuit, maar het zag er niet naar uit. Hij was langzaam maar zeker naar de marge opgeschoven. Computeralgoritmes hadden zijn advieswerk of onnodig gemaakt, of spotgoedkoop.
De naam Ferwerda, die ooit standing had, in het notariaat tenminste, was niets meer waard, en hijzelf nog minder. Wie had er behoefte aan een smoezelige, klungelige, overjarige juridisch adviseur heden ten dage, als de jonge hipo's en masse van de universiteit kwamen met dubbele bullen, MBA's, RA's en wat niet al op hun CV? Met rechtsgeleerdheid alleen redde je het niet. Daarmee had je het nooit gered, er moest altijd iets bij, maar dat iets was in mr. Jan Jaap Ferwerda een stille dood gestorven.
Toen hij zijn handen waste, viel zijn blik op een pak Whoohoo! biologisch afbreekbare inlegkruisjes, grootste maat. Dat deed hem dan toch nog glimlachen.

36. Objecten



Ferwerda aan de telefoon. Het ging niet zo goed met hem. Hij was gewond.
Het was niet zozeer dat ze visten in dezelfde baarmoeder wat Roman Hollak in toorn deed ontvlammen, maar Ferwerda's off hand opmerking, later op de avond na een slap frietje met een berg lauwe kibbeling, dat Romans zoon bang voor hem was.
Jimbo bang voor mij? schreeuwde Roman. Wie zegt dat? Die kut van een Becky zeker?
Ferwerda bedacht dat hij al veel eerder het openbaar vervoer terug naar huis had moeten nemen, maar subiet vertrekken was een onmogelijkheid.
Hij probeerde nog terug te krabbelen, dat hij het niet zeker wist, dat het niet met zoveel woorden was gezegd, dat het meer een gevoel was, maar die terugkrabbeling kwam onvoldoende tot zijn recht. Met de toevoeging dat Ferwerda zo goed kon opschieten met Jim, dat ze elkaar zo goed aanvoelden, gooide hij nog meer olie op het vuur.
Woest was hij uiteindelijk geworden, de licht ontvlambare Roman, in dat huisje van hem op het vakantiepark voor heengezonden ex-echtgenoten. Hij liep rusteloos rond, niet wetend of hij Ferwerda een schop tegen zijn oude benen moest geven, zijn oude arm moest breken of toch zijn agressie en frustratie beter kon botvieren op een object. Objecten waren geduldig. Ze konden wat hebben. Ze dienden geen klachten in. Roman had een goede relatie met objecten. Het was alsof de objecten hem uitnodigden, smeekten om zich tot hen te verhouden. Toen Roman uiteindelijk inging op de smeekbede en een bierfles stuksloeg op het provisorische aanrechtje, raakte zijn gast alsnog beschadigd. Niet ernstig. Een rondvliegende scherf had een flinke snee achtergelaten in zijn vierenzestigjarige melkflessenbeen, net onder de knie.
Later was er toch nog verbroedering opgetreden toen Roman de minnaar van zijn ex' wond verpleegde.
Wat zei Tineke, vroeg ik.
Tineke is zo goed als onbereikbaar, hijgde Ferwerda door de telefoon. Die heeft alleen nog oog voor Malika.


35. Ferwerda's droom




Ferwerda droomde dat hij in een zwembad zat tot de rand toe gevuld met Chinezen. Jonge Chinezen, met strakke badmutsjes op, Chinezen met strakke zwarte goggles op, die hen deed lijken op buitenaardse wezens, maar vooral ook oudere Chinezen. Oude, pezige mannetjes die fanatiek baantjes trokken gebruikmakend van een schoolslag met een weeffout erin, waardoor ze niet rechtdoor gingen, maar diagonaal. Mollige Chinese vrouwtjes die aan een rubberstaaf hingen te dobberen, glimlachend. Maar het belangrijkste onderdeel van Ferwerda's droom was wel de gigantische Chinees die midden in het bad dreef. Hij zwom niet, dat kon niet, daarvoor was geen plek, hij dreef alleen, op zijn rug, waardoor zijn enorme buik als een onbewoond eilandje boven het wateroppervlak uitstak. Zijn bovenbeen was zo breed als Ferwerda's, toegegeven: wat vadsige zestigersmiddel en zijn hoofd was onvoorstelbaar groot. Het hoofd van de Chinees schommelde op het water, zijn onderkinnen deinden mee, als ook zijn wangen die als met pap gevulde tassen aan zijn jukbeenderen hingen. Hij lachte luid, de Chinees, hij bulderde, door de echo van het zwembad klonk zijn gebulder nog luider, Ferwerda's eerste gedachte was dat hij werd uitgelachen, – een terugkerend thema in zijn dromen, sinds zijn jeugd –, maar dat kon niet waar zijn, want hij viel nauwelijks op temidden van de Chinezen. Hij had trouwens acutere zorgen. Hij verzoop zowat. Links en rechts haalden al dan niet diagonaal voortgestuwde Chinezen hem in. Zelfs onder hem, diep in het bad, wemelde het van de Chinezen wier baan hij met zijn wapperende benen obstrueerde. Toen Ferwerda in een poging te crawlen, waarbij hij zijn ogen dichtgeknepen hield, frontaal botste met een hardere, in tegengestelde richting crawlende, atletisch gebouwde Chinees, barstte zijn hersenpan open als een overrijpe mango.

34. Boodschap




Beleef je plezier aan de gratuite seks met mijn ex, schenkt die je voldoening?
Roman Hollak, korte broek, teenslippers, had de vraag geamuseerd gesteld, met opgetrokken wenkbrauwen, niet dreigend, maar de interesse uit deze hoek zat Ferwerda niet lekker. Bovendien, hoe wist hij dat zij gratuite seks hadden? Wat was er zo gratuite aan hun seks?
Ferwerda nam nog een slok van het bier dat hij om zijn goede wil te tonen had meegebracht. Een belangrijke functie van sociaal drinken,  overpeinsde hij, was de tijdwinst tijdens het slokjes nemen, de afleiding, het elkaar niet hoeven aankijken.
Hij was met het openbaar vervoer naar het vakantiepark gereisd – heerlijk trouwens, hij was vergeten hoe aangenaam het was om je reis geheel te laten verzorgen, anoniem ook nog – en nu zat hij bij een Hans en Grietjehuisje op van pellets vervaardigd meubilair met uitzicht op de omgevallen bomen.
Roman had nog mazzel gehad, vertelde hij, toen het losbarstte, de ruk- en valwinden, er waren vijftig bomen ontworteld en geknakt, een tak landde op het schuurtje, wat moest betekenen dat hij een engelbewaarder had. Met genoegen somde hij de veel grotere schade op geleden door mede-vakantieparkbewoners, veelal aan de kant gezette echtgenoten zoals hij.
Ferwerda werd ongeduldig. Hij was niet gekomen om een schadeclaim te bespreken, hij was gekomen om het Grote Nieuws te brengen, de Blijde Boodschap. Becky durfde dat niet. Hij zou er toch vroeg of laat achter komen, redeneerde de vrouw die zijn anger management issues het beste kon inschatten, en dan kon het maar beter vroeg zijn.
We hebben veel lol samen, zei Ferwerda uiteindelijk. De adrenaline schoot naar zijn hoofd. Geen lol zoals jij met mijn huisgenote, haastte hij zich toe te voegen, dansen doen wij niet.
Roman Hollak zat voorovergebogen op zijn kruk, zijn forse, behaarde armen rustten op zijn forse behaarde bovenbenen en keek zijn gast vanonder zijn wenkbrauwen aan.
Je gaat me toch niet vertellen dat je haar zwanger hebt gemaakt?

33. Uitstorting van de heilige geest



Een voordeel van seks met een zwangere was dat ze in elk geval niet meer zwanger kon worden bedacht Ferwerda, toen hij zijn geslacht naar binnen wurmde bij Becky achter een gordijn in de hoek van een leeg zaaltje bovenin het Muziekgebouw aan het IJ, waar ze zojuist een interessante VR-voorstelling hadden gezien in het kader van het Holland Festival, die echter maar vijftien minuten duurde, waardoor er tijd over was – en tijd die over was, vonden zij, moest nuttig worden besteed.
Er waren meer voordelen. De gedachte dat Ferwerda's oude zaad, nu niet tegengehouden door condooms (zijn merk was Sagami Original, van 0,02 millimeter dunte; die gaven naar zijn bescheiden oordeel het minste gevoel een fietsband om te hebben; zijn onzichtbare vriend nam ze voor hem mee uit Japan) en vrijelijk Becky's baarmoeder in konden vloeien om daar, zo fantaseerde hij, de ongeboren vrucht te bereiken als een uitstorting van de heilige geest... Dit perspectief wond hem op.
Ahhh, yeah, ooh... Hah! Whoo...
Quiet! fluisterde hij tegen Becky, die zoals gewoonlijk een solo-concert gaf – niet in het kader van het Holland Festival.
You're so fucking special, zong ze plagerig, haar nek omdraaiend naar achter, als een gedrocht in een computerspel.
Dat was een van de redenen waarom hij op Becky viel: haar spotternij hield nooit op, ook en juist niet als ze bezig waren. Toch stak hij een duim in haar weelderige mond om te beletten dat ze nog meer lawaai zou maken. Er was niemand in het Muziekgebouw geweest toen zij de VR-show bezochten, maar dat kon zo veranderen, en als Ferwerda ergens een hekel aan had, dan was het een ecajulatio interruptio.


32. Transitieve relatie



Tot zijn verbazing reageerde Tineke begripvol, zelfs liefdevol op het nieuws van Becky's gevorderde zwangerschap. Kinderen had ze nooit gehaat. Wie kinderen haatte, haatte het leven, zei ze, maar dit betekende niet dat ze in de rij stond om voor de opvoeding op te draaien.
De opvoeding van kinderen laat ik graag aan anderen over.
Dus je wilt niets met ons kind te maken hebben, schamperde Ferwerda, die nog steeds moeilijk aan het idee kon wennen dat hij, all things being equal, over een halfjaar een zuigeling in zijn armen zou houden die hij de zijne mocht noemen – afgezien van de claims die Becky legde, en dat zouden er niet weinig zijn, vermoedelijk. Hij sloot niet uit dat ze hem vroeg of laat voor het gerecht zou slepen.
Dat kind is niet van mij, zei Tineke. Dat kind is van jou. Nu ben jij wel van mij, maar ik ben er nog niet over uit of dan volgt dat dat kind ook van mij is. Ik weet niet of hier sprake is van een transitieve relatie, als je begrijpt wat ik bedoel.
Ferwerda dacht wel te weten wat zij bedoelde, en hij hield ook van haar juist omdat ze geen kinderwens had en geen enkele frustratie op dit terrein leek te hebben, maar hij raakte zo langzamerhand wat beduusd van haar opgewektheid, van haar totale gebrek aan verwijten. Heb jij mij misschien ook nog wat te vertellen, Tien, is dat het?
Nu hij het zei. Inderdaad. Ze had niet stil gezeten de afgelopen tijd. Nee, met Roman was het niets geworden, en de mannen die zich via Tenure aanmeldden om door haar te worden afgeranseld vielen ook niet mee, maar guess what? er was een promovenda op de Uni die haar hart had gestolen.
Malika heet ze. Een hoogvlieger uit Soedan by way of Londen. Ze komt een tijdje logeren.

31. Gogo 2000 X


Tineke bleef lang onder de douche die ochtend. Het hele idee van twee minuten lauw douchen om de aarde te redden scheen ze te hebben verlaten. Toen ze eindelijk klaar was, stond de badkamer vol stoom. Tenslotte verscheen ze in de keuken met rode koontjes, gekleed in een zwart katoenen pantsuit, als een kat.
En was het lekker, mompelde Ferwerda naar de bekende weg, terwijl zijn vrouw zichzelf in het chroom van het espresso-apparaat bewonderde. Zeker, Tineke Altena was sober uitgevoerd, ze had niet vooraan gestaan bij het uitdelen van de wulpse vormen, maar daar stond tegenover dat ze over een uitstekende conditie beschikte en een gezonde eigenliefde bovendien, een eigenliefde die zich bijvoorbeeld uitte in lange sessies onder de douche waarbij ze niet naliet zich te laten helpen door de laatste snufjes op sensueel-elektronisch gebied.
Zeer dank je, zei ze. Schalks haalde ze een paars apparaatje uit haar broekzak dat eruit zag als een ladyshave, maar dan anders. Meer functies vooral. Andere functies.
Wat heb je nu weer. Ferwerda deed alsof het hem niet interesseerde.
De Gogo 2000 X. Voor vrouwen die hun orgasme serieus nemen.
En dat neem jij serieus? vroeg Ferwerda over zijn knijpbril heen.
Ik hoef het niet serieus te nemen. De Gogo 2000 X neemt mij serieus.
Bespaar me de details. Terwijl Ferwerda het zei, besefte hij dat hij in een andere context, als hij zich anders had gevoeld, in een ander leven, wellicht, juist alle details had willen horen.
Slecht geslapen? Zeker teveel gedronken met die imaginaire vriend van je. Tineke maakte een ristretto voor zichzelf – ook al zoiets. Ferwerda voelde zich steeds overbodiger worden in dit huishouden, maar hij ging er gemakshalve van uit dat zij nog niet zonder hem kon – en omgekeerd ook niet, trouwens.
Wil je me wat vertellen? Laat me raden. Jimmy heeft een onvoldoende voor zijn werkstuk over de Nederlandse advocatuur.
Was het maar waar, murmureerde Ferwerda sip.


30. Opties




Dat was het moment dat Jan Jaap Ferwerda bij mij aanklopte, zijn onzichtbare vriend. Normaal besprak hij zijn diepste problematiek met zichzelf, desnoods liep hij leeg tegenover zijn knetterdemente moeder, maar hij meende dat hij nu op een punt was gekomen, waar hij het allemaal niet meer wist. Niet dat hij dacht dat ik het wel allemaal wist, maar hij streelde mijn ego door te zeggen dat ik tot die kleine groep mensen behoorde die, zo zei hij het, prettig stoïcijns in het leven staat.
Misschien kwam het omdat ik ongebonden was, zowel professioneel als privé. Ik was aan niemand verantwoording schuldig behalve aan mijzelf en dat sprak hem aan. Hij dacht dat ik autonoom en amoreel was en dat dit voortvloeide uit mijn ongebondenheid; dit was niet zo, maar ik liet hem in de waan.
We bespraken de opties. Alle banden doorsnijden met Becky (uitgesloten). Met zijn allen bij wijze van commune samen gaan wonen in een groter huis in Oost-Groningen, waar dit nog betaalbaar was (uitgesloten). Trachten Roman Hollak en Becky weer bij elkaar te brengen, opdat zowel Jim als zijn toekomstige halfbroer of zus, tenminste een soort van thuis hadden (uitgesloten).
Omdat alle opties in elk geval bespreekbaar waren, deed Ferwerda's aanstaande vaderschap, DNA-tests daargelaten (die DNA-test was overigens gauw genoeg afgenomen, aangezien de dader-vader ongeveer overal op en rond Becky DNA-sporen had nagelaten), vooral een beroep op onze vindingrijkheid.
Wie wil weten wat hij moet doen, moet eerst weten waaruit hij kan kiezen. Daarom zijn vindingrijke mensen vrijer, maar misschien betreft het hier schijnvrijheid.
Toen de derde fles Margaux halfleeg was, opperde ik: als Becky niet vrijwillig wil overgaan tot abortus, is dan een niet-vrijwillige abortus niet iets?
Ferwerda wreef zichzelf langdurig in de ogen om te verhullen, zag ik later, dat hij huilde.


29. Daderschap



De tijd heelde niet alle wonden, dat zou te makkelijk zijn. Het was meer dat de tijd zoals het gras op een open veld de diepe kuilen verbergde. Jan Jaap Ferwerda hunkerde nog steeds naar Becky, daar kon hij niks aan doen en hij was nog steeds gehecht aan Tineke – ook daar kon hij niks aan doen.
Niemand kon ergens wat aan doen, dat was de trieste en tegelijk troostrijke conclusie van het potje dat hij maakte van het leven.
Hoewel, Becky kon misschien toch wel ergens wat aan doen, tenminste aan het nieuws dat ze nog op de valreep bracht aan haar bijna pensioengerechtigde minnaar – hij moest trouwens nog drie jaar door, was net uitgepolderd –, na een vluggertje op het carpoolplein. Becky was goed in vluggertjes, hij was goed in het vinden van plekken voor vluggertjes.
Welk nieuws, wilde Ferwerda in de Renault (de schade viel mee) op de terugweg graag nog even weten.
Do you want to hear it as is or shall I sugarcoat it? vroeg ze, haar lippen suggestief stiftend in de selfie-spiegel van haar telefoon.
No sugarcoating please. Ferwerda haalde een oude Fiat in, die binnenkort, net zoals de Renault, van de weg zou moeten worden gehaald dankzij overijverige aardeverbeteraars.
You're going to be a father.
Ferwerda deed eerst alsof hij het niet gehoord had. Toen draaide hij met zijn behaarde pink in zijn behaarde oor, en zei: I beg your  f u c k i n g   pardon? Hij was geen grootgebruiker van grove taal, maar in dit geval leek het geoorloofd.
I'm three months pregnant Janja and I'm going to keep the baby.
Ferwerda wilde het liefst de noodstrook oprijden, slippend tot stilstand komen en Becky de auto uitzetten, maar hij zag ook wel in dat zo'n daad zijn zaak niet verder zou helpen. Hij wist dat ieder protest van zijn kant zinloos was. Deze vrouw was niet van haar zwangerschap af te brengen, en, DNA-tests daargelaten, hij niet van zijn vaderschap. Slaand met zijn hand tegen de rand van het stuur vroeg hij zich af hoe Tineke zou reageren.






28. Communicatieruimte



Roman Hollak zat onderuitgezakt, met zijn O-benen wijd, aan een formica tafel achter een bekertje water in de communicatieruimte van het politiebureau in zijn gemeente. Recht tegenover hem, ineengedoken, probeerde Jimbo, zijn weelderige krullen bungelend voor zijn besproette gezicht, zich een houding aan te nemen. Tenslotte was daar Ferwerda, in zijn smoezelige blauwe pak, die nu eens met zijn vingers tikte en met zijn schoenen wipte, dan weer zijn knijpbril afzette en de glazen schoonwreef om hem terug op zijn neus te duwen met een blik alsof alles hem nu duidelijk was.
De violente ex had zijn naam eer aangedaan, al had hij zijn driften thans botgevierd op Tineke Altena. Over wat er precies was gebeurd wilde noch Tineke noch Roman uitleg geven, maar dat haar Renaultje op zijn kant lag voor hun huis was een feit dat ook zonder theoretische natuurkunde kon worden verklaard. Bovendien was haar creditcard leeggetrokken.
Becky had Janja gesmeekt haar ex juridisch bij te staan. Aan een ex in hechtenis had niemand iets; dan kon ie nog beter dood zijn, was haar gedachte.
Wat wil je dat ik doe? had Ferwerda gevraagd. Ik ben niet eens strafrechtadvocaat. Ik ben geen Theo Upt Hiddema. Ik ben een papierschuiver, altijd geweest, een veilige documentverplaatser, een vakjesafvinker!
I want you to give Jimbo his daddy back, had Becky gesnauwd. Juist als ze snauwde, naar Ferwerda's bescheiden mening, vertoonde haar mondgat een onbehoorlijke, schandaleuze aantrekkingskracht, maar daarnaar handelen was in het verleden geen goed idee gebleken. Hij had haar wel eens in een bui van rücksichtsloze passie op de grond gedrukt in de lobby van een hotel, maar toen had zij zo hard met haar nagels in zijn ballen geknepen dat de sixtysomething bijna flauwviel van de pijn.
Vlak voordat de politievrouw van dienst het bezoek weg kwam halen, vroeg Roman toch nog, met een klein stemmetje, hoe de therapie was geweest.
Nuttig, zei Ferwerda, en zocht onder tafel met zijn hand de scheur in de spijkerbroek van zijn zoon.




27. Angsten en verlangens



Toen Jimbo eindelijk zover was om Brilliant Destruction, dat hij dag en nacht speelde, op pauze te zetten en zijn draadloze koptelefoon met microfoon in zijn rugzakje te stoppen, gaf Frank het sein dat de systeemtherapie was begonnen.
Het huiswerk voor vandaag: maak een top drie van je grootste verlangens, een V-lijst zogezegd, en een top drie van je grootste angsten (A-lijst).
Wat heb je op A1 gezet, Jim? Durf je dat aan de groep te vertellen? Je mag je ogen dichtdoen als dat je helpt om helemaal los te komen hè. Dan doe ik die van mij ook dicht hè. Frank deed zijn ogen dicht.
Ferwerda keek door zijn knijpbril om zich heen op zoek naar Tineke maar die had haar ogen ook dicht. Hetzelfde gold voor Becky. De ogen van Roman kon hij niet checken, want de ex met anger management issues bleek op het laatste moment verhinderd.
Ferwerda peinsde er niet over zijn ogen dicht te doen. Dan bekeek hij nog liever de bloedeloze IKEA-kunst aan de muur.
Ik, eh, –
Gooi het er maar uit hè.
Ik ben bang... eh... dat mijn vader...
Bang voor ons vader zijn we allemaal wel een beetje hè, viel Frank Jim in de rede. Een vader voor wie we niet bang zijn is geen vader maar een tweede moeder of een oom hè.
I'm afraid of him too, zei Becky behulpzaam, alsof het over een geest ging.
Ik niet, zei Tineke. Bij mij staat hij op V2.
Dank je wel Tineke, we komen zo bij jou. Nog even Jim, wat staat er bij jou op V2?
Ferwerda schraapte zijn keel. Hij verveelde zich. Zou het heel vreemd zijn om nu op zijn telefoon te kijken of er al nieuws was van de rechtbank?
Zeg het maar, Jim... Laat jezelf maar gaan jongen. Je hoeft je voor niets te schamen hè. Frank was op dreef vandaag.
Op V1, 2, en 3 staan jongens, mompelde Jim.
Vrienden?
Geen vrienden. Jongens.
Wat voor jongens, mogen we dat ook weten? Kennen we ze?
Eentje kennen jullie wel, maar....
O?
Hij is hier in de ruimte, meer zeg ik niet.

26. Brexit

Image result for hamstring




Geen oefeningen gedaan? vroeg Taylor, terwijl hij Ferwerda's been in een uiterst pijnlijke houdgreep hield en het zachtjes in een richting duwde waar het nooit was geweest en ook niet wilde zijn.
Hij kneep zijn ogen dicht om niet te zien wat er met zijn morsige, vierenzestigjarige onderstel gebeurde. Wat ben ik toch – AU – een houten klaas, bracht hij uiteindelijk uit. Au.
Dat vroeg ik niet, ik vroeg of u oefeningen hebt gedaan.
Oefeningen? Au, dat doet pijn – au au AU dat doet HEEL VEEL PIJN! kermde Ferwerda met samengeperste lippen. Hij had geen oorlog meegemaakt, had zelfs nooit in dienst gezeten, zijn generatie was zo slap als een washandje.
Voelen, hij was helemaal voor voelen, als iemand een gevoelsmens was dan hij, maar je kon het ook overdrijven.
Aanvankelijk had hij nog wel pervers plezier beleeft aan de pijn hem toegediend door topfysio Taylor (geboren in 1983 te Hull, wist Ferwerda inmiddels, en een fervent voorstander van de brexit bovendien; hij was niet voor niets uit Hull weggevlucht; wat hem betrof mocht het eiland waarvan Hull deel uitmaakte afdrijven, kapseizen en wegzinken om nooit meer boven te komen), maar deze pijn, die tot doel had zijn hamstring op te rekken, was pijn van een hogere, pijnlijkere orde. Wat als de beenspier die als een kabel gespannen stond onder zijn lodderige vel, zou knappen? Was dit een lawsuit waiting to happen?
U hoeft niet bang te zijn dat uw spier knapt of dat uw been breekt, fluisterde de fysio, terwijl hij bijna liefdevol naar de vale voet keek die hij in zijn eigen frisse, atletische nek had gelegd.
Nee? Au.
Toen hij zijn oud-blauw linnen pak weer aanhad, zijn knijpbril op zijn neus had gezet en wegwandelde uit de praktijk de vrije buitenwereld in, na opnieuw te hebben beloofd zijn oefeningen te doen (welke ook alweer?), voelde hij tot zijn verbazing niets meer.

25. Vlekken

Image result for article on botox magazine cover



Dat pak van jou moet echt naar de stomerij. Vreselijk. Het zit onder de vlekken. Je bent echt een grote vlek.
Deze ochtend waren de zelfgebakken croissants gelukt, maar dat veranderde weinig aan Tinekes humeur.
Dat van Ferwerda was al niet veel beter. Hij had amper geslapen. Wat dacht je van jouw pak, Tien. Dat zou ik ook maar eens laten stomen. Tenzij je voor de rest van je leven die tacky after shave van Roman Hollak met je mee wilt dragen.
Voor een jurist heb je een goeie neus, Japi.
Mijn neus is het enige dat ik heb. Hij snoof, doopte de punt van zijn croissant in de soepkom koffie die voor hem op tafel stond en nam een hap. Nog voordat hij uitgekauwd was, voegde hij eraan toe: behoorlijk onprofessioneel van je.
Wat?
Om het aan te leggen met de violente ex van mijn maîtresse... onverstandig ook, to put it mildly. Hij snoof nog eens.
Ga jij mij vertellen wat onprofessioneel is en onverstandig?
Wat hebben jullie gedaan?
Dat gaat je niks aan. Ze gooide het frequent ongelezen magazine zijn kant op. Hier, heb je iets te lezen. Staat een interessant verhaal in over de gevaren van botox. Doe er je voordeel mee.
Met zijn handpalm wreef Ferwerda over zijn neus, hetgeen een onsmakelijk, soppend geluid gaf. Wat hebben jullie gedaan? Je hebt je toch niet, hoop ik, door hem, de jure dan wel de facto, laten penetreren?
Tineke Altena trok een vies gezicht. Nee, smeerpijpje van me, dat zou ik nooit doen. Ik ben niet zo'n holbewoner als jij. We hebben... gedanst. Sterker, het is lang geleden dat ik zo lekker heb gedanst.
Gedanst? Waar in godesnaam?
Weet ik veel, een of andere tent die hij kende... Tegen die tijd was ik al aardig teut kan ik je vertellen. Er ontsnapte een zeldzame lach uit haar keel.
God, Tineke! En hoever ging dat dansen van jullie? Kneep ie in je billen?
Iets wat je niet hebt, daar kun je ook niet in knijpen... Nee, hij was heel galant. En hij kan goed dansen, die Roman. Beter dan ik jou ooit heb zien doen.

24. Broodnodige me time



Het nadeel van een demente moeder was dat je niet zeker wist of het iets uitmaakte of je kwam of niet. Het voordeel van een demente moeder was dat ze eindelijk was opgehouden op al je tellen te letten en je waar mogelijk te bekritiseren en van onnodig advies te voorzien.
Ferwerda's moeder zat als een schriel vogeltje bij het raam, maar ze keek niet naar buiten. Ze had een afstandbediening bij de hand, maar die gebruikte ze niet. Er was een bijzonder oogstrelende, en buitengemeen voorbeeldige freule (zo sprak Ferwerda haar aan, maar wist niet zeker of hij begrepen werd) van, getuige haar donkerpaarse, paisley hoofddoek, Islamitische origine, die 'mevrouw' dag en nacht van haar natje en droogje voorzag (of juist haar voor die twee zaken trachtte te behoeden) maar de verzorgde in kwestie bleef met klagelijke haken rond de mond zitten, de nutteloze handen in haar schoot om een blikje coca cola.
Ondanks haar apathie, of misschien  dankzij haar apathie, bleef Ferwerda optimistisch om haar heen darren, van alles regelen, praten, bellen, voorstellen doen. Maar uiteindelijk verdween hij na een tijdje naar een ver gelegen vertrek in het landhuis aan zee waar zijn moeder gezworen had te sterven, voor wat broodnodige me time.
Beck, wat ben je aan het doen, belde hij vanuit zijn moeders slaapkamer, waar zij al eeuwen niet meer sliep.
Becky was bezig de spreekbeurt van zoonlief aangaande de Nederlandse advocatuur te polijsten. Het lettertype is niet goed, bitste ze, alsof dat Janja's schuld was, en de plaatjes kunnen beter. Als meest tot de verbeelding sprekende strafrechtadvocaat had Jimbo een portret van mr. Theo Upt Hiddema gekozen, de second in command van Forum, de rechtsfilosoof die de scepter zwaaide over het wetenschappelijk bureau van de partij, maar volgens Becky moest iedere associatie met de borealen worden vermeden nu die een tik hadden gekregen van Europa.
Waarom kom je niet hierheen, had Ferwerda toen voorgesteld. Gooi voor Jim een pizza in de oven – ik bedoel bestel wat sushi op mijn paypal-account – en pak de trein, dan kom ik je afhalen van het station.
But your mother loathes me! had ze uitgekraamd, voor de zoveelste keer.
Wat weet jij daarvan, zei hij. Juist daarom moet je komen!
Niet veel later, terwijl het te vlug bestelde, overvloedige Indiase eten kouder werd, bedreven ze de liefde op het strak opgemaakte, luid krakende bed.


23. Bewijs uit het ongerijmde




Maar dat is toch helemaal geen bewijs? Dat bewijst helemaal niets! Zo kan ik ook van alles en nog wat bewijzen!
Het protest kwam van achter uit de stampvolle, maar verder muisstille collegezaal. Vrijwel alle studenten, voor het meerendeel naar hun uiterlijk te beoordelen van Aziatische komaf, tikten op hun schermpjes om het wiskundige bewijs uit het ongerijmde te noteren, dat prof. dr. T-A, ofwel tits and ass, zoals ze zelf alvast grapte,  omdat ze die geen van beide had, tevoorschijn had getoverd.
De professor keek niet eens meteen naar boven, naar de plek waar het protest vandaan kwam. Ze zon op een wijze en tevens pedagogische repliek. Terwijl ze nog steeds de zaal niet in durfde te kijken, groeide haar nieuwsgierigheid tot schier ondraaglijke sterkte. De stem kwam haar vagelijk bekend voor, maar ze kon hem niet plaatsen. De voertaal van dit eerstejaars hoorcollege was Engels, een vereiste waaraan Tineke Altena, met haar jaren in Cambridge, met enige gretigheid voldeed. Het gaf geen pas om zomaar in het Nederlands wat te roepen.
What is it exactly that you do not understand, vroeg prof. T-A, met bijna tedere stem door het microfoontje voor haar zuinige mond, haar blik veilig gericht op haar computerscherm.
Inmiddels had de halve zaal zich omgedraaid naar de vragensteller, en toen die niet gauw genoeg antwoordde, keek tenslotte ook de hoogleraar naar boven.
Daar zat, breed lachend, in een wit T-shirtje met een roos die uit een pistool kwam, Roman, de violente ex. De drukke tatoeages op zijn armen oogden dof en kinderachtig in het kunstlicht.
Ik bedoel, zei hij eindelijk, plagerig traag, – hij haalde een appel tevoorschijn –, als ik wil bewijzen dat deze appel eetbaar is, dan neem ik er toch gewoon een hap van? En hij deed het. De hele zaal luisterde enigszins verbaasd naar zijn gesmak. De professor grinnikte.