4. De aard van de klus

Willem de Kooning, East Hampton

Daar zaten we dan, aan de lange keukentafel in de woonkeuken, met uitzicht op een zwierig titelloos schilderij met veel geel en roze van Willem de Kooning dat Enna niet lang geleden voor enkele tonnen op een Sotheby's veiling had gekocht, achter twee cappuccino's (voor onszelf), en twee dubbele espresso's (voor mijn moordenaars). Enna leefde in de veronderstelling dat ik gelijk had gehad met mijn oorspronkelijke inschatting, dat de grote kale mannen flex-migranten waren, voor een klus in Amsterdam, en dat ze, om zoveel mogelijk geld uit te sparen, gedwongen waren geweest om in hun autootje te slapen – maar over de aard van de klus was ze nog niet ingelicht.
'So you're for a job in Amsterdam,' ging ze opgeruimd van start, aanbiddelijk als altijd, terwijl ik nadrukkelijk niets zei, achter de rug van de gasten snijbewegingen maakte langs mijn keel, die ze niet begreep of weigerde te begrijpen, 'you must be hired by our neighbour to help with his... Into, wat is onderkeldering in het Engels?'
Aha. Enna was uit op wat fijne roddels over Mastenbroek, de overbuurman, die al twee jaar met een grootschalige verbouwing van zijn villa bezig was, en wiens plan om waarde toe te voegen aan zijn vastgoed enige tegenslagen hadden te verduren. Lekkages, verzakkingen, scheuren in draagmuren: Enna smulde ervan. Ik ook wel, moet ik toegeven.
Ik stond op en zei plompverloren: 'Gentlemen: I need to excuse myself.' Ik keek als een geslagen hond naar de mannen. Dat was mijn vaste strategie geweest, op tactische momenten vluchten naar de wc. Nu wilde ik van daaruit een paar telefoontjes plegen. Noodzakelijke telefoontjes. Op straat had ik overwogen om er als een kat tussenuit te knijpen, om de telefoontjes op een rustige plek te kunnen afwerken, maar ik wilde geen scène in de buurt. Er waren al genoeg scènes in de buurt (Mastenbroek die op hoge toon protesteerde tegen geluidsoverlast bijvoorbeeld, terwijl hij zelf de grootste overlastveroorzaker was, en niet alleen vanwege de verbouwing, hij had er ook een handje van, nu hij tijdelijk zijn intrek in het tuinhuis had moeten nemen, tot midden in de nacht te barbecquën en ordinair te spetteren in zijn niervormige zwembad).
De man met de sik slurpte zijn espressokopje leeg en keek me aan met één opgetrokken wenkbrauw. In het voorbijgaan slaagde hij erin mijn mobiel uit mijn hand te grissen. Ik had ook niet zo'n grote moeten kopen, dat enorme ding smeekte er zowat om uit mijn handen te worden gegrist.
Zonder een spoor van emotie gaf hij mijn telefoon bij de andere man in bewaring.
Enna was alweer bezig met nieuwe koffie.
Met de staart tussen mijn benen trok ik mij terug op de wc. Ik moest mij bezinnen op een nieuwe list.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten