20. Het viel hem steeds moeilijker spotloos te spreken



Kerst liep uit op een 'drama'. Halsoverkop was Onvlee naar het ziekenhuis met de nieuwerwetse naam overgebracht om aan allerlei machines te worden gekoppeld. Onvlee wist dat hij niet ging sterven, niet nu, maar hij moest zich de ingewikkelde medische verrichtingen, alle levensreddende, levensverlengende verrichtingen laten welgevallen. Er zat niets anders op; hij had een puzzel af te maken thuis.'Heb je nog een laatste wens, Pris,' vroeg Lidwina op eerste kerstdag, niet zonder spot in haar stem. 'De beste prostituée uit de wijde omtrek,' antwoordde hij, evenmin zonder spot. 'Het mogen er ook twee zijn... Je weet mijn creditcard te vinden.' Het viel hem steeds moeilijker spotloos te spreken, maar hij besefte ook wel dat de laatste zucht die aan zijn lippen en verrotte lijf ontsnapte, ondubbelzinnig zou zijn. 'Alweer? Dat was vorige keer ook je laatste wens.' 'Toen wist ik nog niet dat het niet mijn laatste wens zou zijn. Bovendien, sinds wanneer is originaliteit een vereiste? Aan jouw laatste wens zal ik ook geen voorwaarden stellen. Dat beloof ik. Alles binnen het redelijke, natuurlijk.' En zo hadden ze door gespot, voor zover de machines hem het spotten niet onmogelijk maakten. Lidwina was uiteindelijk naar huis gegaan. Voor haar was geen plek meer in het ziekenhuis. Ze voelde zich niet zozeer treurig, als wel vreemd opgewonden. Op een of andere manier klopte het. Thuis zette ze nog eens haar lievelingsmuziek op, opende de terrasdeuren en heupwiegde zachtjes onder de sterren in de zentuin. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten