Prullaria



Mijn vader rommelt met zijn slanke, gekalknagelde duimen in een vintage blikken sigarettendoos (Gold Flake, doet $17,79 op eBay zie ik) gevuld met speldjes, medailles en andere prullaria. Af en toe houdt hij er eentje omhoog en zegt: 'En dit is...' Ik neem het kleinood van hem over, bekijk het met een loep en vul aan: 'Iets katholieks.' Of: 'Iets sportiefs.' Of: 'Iets meligs van de carnavalsvereniging.'
Als hij een piepklein, metalen beeldje van een ibis in de lucht houdt: 'Dit kreeg ik omdat ik het meisjesdispuut IBIS had geholpen bij de organisatie van een feest.'
Mijn ouders ruimen hun huis op. Wie wat bewaart die heeft wat inderdaad; daar staat tegenover dat wie niets heeft ook niets hoeft te bewaren. Puur het feit dat iets bewaard is, maakt het al iets waard – voor de bewaarder, dan.
'Krijg ik die liefdesbrieven van jou nog te zien?' vraag ik aan mijn moeder. Ze schudt haar hoofd. 'Even wachten... bekijk eerst dit maar eens.' Ze overhandigt me een tasje met mijn allereerste schrijfsels, rekensels, tekensels en andere fröbelarijen. Bijna verontschuldigend, zegt ze: 'Van jou heb ik alles bewaard.' Na drie zoons en een dochter – 'die kwamen zo'n beetje vanzelf' - wilde mijn moeder nog één keer gaan voor een meisje. Er zat dus weer een piemel aan, maar dat deed kennelijk weinig af aan mijn status als liefdesbaby. 'Voor het eerst genoot ik ervan.'
Marie Kondo, volgens wie al onze bezittingen vreugde moeten brengen, zou het tasje dumpen, vermoedelijk, en ik ook, vrees ik, afgezien van twee verhaaltjes, een getiteld 'Het laatste stuk kaas' en een flard bekentenislektuur, waarin de ik-persoon in slordig handschrift opschept over een paar biertjes die hij stiekem met vriendjes heeft gedronken. Twaalf moet ik zijn geweest en toen dus al in overtreding.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten