De blokfluitist




Terwijl ik in een broodje haring met uitjes en zuur bijt bij Stubbe's haring, aan het begin van de Haarlemmerstraat, zie ik dat passerende toeristen of Amsterdammers - het verschil wordt kleiner - hard moeten lachen om de straatmuzikant even verderop. Er wordt druk gefilmd en gefotografeerd want dit is hilarisch, dit hebben we nog nooit gezien. Wat hebben we nog nooit gezien? Een oud mannetje met een olifantenmuts op die een witte plastic blokfluit bespeelt voor geld. Omdat hij leren handschoenen draagt kan hij geen afzonderlijke gaatjes dichten, laat staan in de buurt komen van een melodie. Daar lijkt hij ook in het geheel niet op uit: hij blijft staccato de cis spelen (die hoor je als alle gaatjes open blijven) en dan vaag met een aantal vingers tegelijk over de onderste gaatjes gaan, zodat er een soort van triller ontstaat.
Philip Glass, maar dan anders.
Ik gooi een vijftig cent munt (ik ben vrijgevig de laatste tijd) in zijn bakje maar de munt springt uit het redelijk goed gevulde bakje, landt op de tas van de blokfluitist. De blokfluitist onderbreekt zijn performance, pakt de munt.
Opgezwollen benen, zegt hij, terwijl hij de pijpen van zijn skibroek optrekt en inderdaad, zijn benen zijn opgezwollen. Allebei. Dat niet alleen, ik zie ook wonden . Binnenkort naar dokter, zegt hij. Benen omhooghouden, is het enige advies dat mij te binnen schiet. Hij knikt driftig, maar wat heeft hij eraan? Ik op straat slapen. Koud! Ja. Koud! Waar kom je vandaan? Oostenrijk. Hoe heet je? Paul. Ik weet voorlopig genoeg en wens hem het allerbeste. Het blijft een uitdaging om de mens niet te bespotten, niet te benijden en ook niet te betreuren maar te nemen als elk ander.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten