22. Quatuor pour la fin du temps




Aan het eind van de middag liet Onvlee zich door Just, in zijn eigen Volvo, naar huis rijden. Ze spraken nauwelijks. In de geluidsinstallatie zat de enige cd die in de auto lag: Messiaens Quatuor pour la fin du temps. Het was niet druk op de weg. Af en toe werd Messiaen verrijkt met voorbarig vuurwerk van buiten. Halverwege de muziek kwam er een stukje waar Hitchcock, of de geluidsman van Hitchcock, inspiratie moet hebben opgedaan voor de douchescene uit Psycho. Onvlee keek Just na dat stukje verwachtingsvol aan, maar zijn zoon was met zijn gedachten ergens anders, plukte aan zijn baard. Onvlee verbaasde zich over die baard. Het stond hem niet slecht, maar een zichzelf respecterend architect had geen baard. Een baard was chaos, een smet op het minimalisme. Misschien ging hij zijn zoon opnieuw overhalen dat ding af te scheren – met zijn nieuwe vijfbladige scheermes. Ze draaiden de lange straat in waaraan Onvlees tempel prijkte temidden van kasten van vergelijkbare grootte, maar evident mindere goden. Hij zag dat thuis overal licht brandde, niet alleen in de living, met de k-boom, maar ook in de keuken, de mediaroom. Lidwina's mini was zoals altijd slordig geparkeerd. Just liet de Volvo stapvoets van de schuin naar beneden lopende oprit de onderpandige garage in zakken, die daarna automatisch sloot. Routineus trok hij de elektrische stoel uit de achterbak, en plantte zijn ongeneeslijke vader erin, die hem in de gauwigheid op zijn voorhoofd kuste. Toen de oude Onvlee, met een slakkengang, de bungalow betrad, brak het zweet hem uit. 'Hoe hoog,' gilde hij met zijn zwakke stem, 'staat hier godverdomme de thermometer?'