6. Een foto liegt beter dan duizend woorden



Wat moest ik eigenlijk aan op de date met mijn dubbelganger? Die vraag drong zich bij me op toen ik mezelf in de lounge van het hotel in een spiegel zag: kaki korte broek, zwart t-shirt, eeuwige Jezus-sandalen. Moest ik me misschien wat, nou ja, ambitieuzer kleden? Want hoe ijdel je ook dacht dat je was, zelfs de minst ijdele moest toegeven dat een eerste indruk een tamelijk, nou ja, onuitwisbare beeld achterliet bij de ander, met name qua ambitie.
Wat zou Michael aanhebben?
Ik had van U4U geen foto's gekregen. Hier zat een gedachte achter, een foto gaf per definitie een draai aan de werkelijkheid, stolde de werkelijkheid op een willekeurig moment, waardoor het totale plaatje verdween, de Gestalt, en om die Gestalt ging het nu juist. Een foto, had Erykah gezegd, liegt beter dan duizend woorden. Michael Q. Darling was opgespoord dankzij U4U's gepatenteerde zoektechnologie, die bij het matchen slechts gedeeltelijk keek naar beschikbare foto's. Gedrag dat tevoorschijn kwam uit big data woog zwaarder. Er werd een profiel gemaakt niet bestaande uit leugenachtige selfies en impulsieve tweets, zoals in de sociale media te doen gebruikelijk, maar uit 'speciale coordinaten'. Hoe dat precies in zijn werk ging daar deed Erykah geheimzinnig over. Ik zou het vanzelf zien. Ze zweerde dat ik versteld zou staan van de striking resemblance die ik zou vertonen met Michael. Natuurlijk, er zouden ook een aantal belangrijke verschillen zijn, dat kon niet anders, taal om te beginnen en nog zo wat van die futiliteiten, maar die zouden in het niet vallen bij de Gestalt – die zou voelen als een kopie.
Ah, daar was ze eindelijk, Erykah, in haar teslaatje, om mij op te halen. In de gauwigheid had ik in mijn hotelkamer toch maar een hagelwit pak aangetrokken, met donkerpaarse loafers eronder die ik op het vliegveld had gekocht.

5. Transpirerende Tricia



Bij het ontbijt kwam er een vreemde neerslachtigheid over me. Niets was er meer over van de aanvankelijke, toegegeven: enigszins kinderachtige opwinding over de aanstaande ontmoeting met Michael Q. Darling. Ik voelde niet alleen dat ik deel uitmaakte van een totaal zinloze onderneming, die mij niets zou leren, alleen maar veel geld en tijd zou kosten, maar ook dat ik mijn energie, mijn aandacht als schrijver op volstrekt de verkeerde zaken richtte. Nu kon niemand een schrijver vertellen waar hij zijn aandacht op diende te vestigen, of zelfs maar welke boeken hij moest lezen, of welke routines hij zou moeten hebben. Schrijven is als zeilen op open zee zonder kompas, ik hoorde mezelf het cliché net nog in de saaie ontbijtzaal debiteren tegen de allercharmantste serveerster, Tricia genaamd, althans dat stond op haar naambordje, die, toen ze hoorde dat ik uit Nederland kwam (zelf had ze ook verre Nederlandse voorouders) en zei dat ik in Parijs woonde en schrijver was nog meer van haar charme ten toon spreidde (dat ik niet zo zolang geleden was verweduwd liet ik maar achterwege). De charme zat vooral in de zoete zweetgeur die ze verspreidde, deze Tricia, maar ook bijvoorbeeld in haar tongpiercing, die me op meer dan een manier fascineerde. Terwijl ze een gepocheerd eitje voor me maakte, fantaseerde ik over een toekomst met deze getongpiercede, transpirerende Tricia. Wat als ik nooit meer terug zou keren naar Parijs, laat staan naar Nederland (daar had ik helemaal niets meer te zoeken afgezien van een sporadisch bezoek aan mijn uitgever als die iets te vieren had bij voorkeur zijn eigen verjaardag; voor de rest deed ik alles per email), en een appartementje zou huren in Dallas en af en toe iets ging ondernemen met Tricia, zou ik dan gelukkig zijn? Waarschijnlijk niet, maar dat was ik nu ook niet. Ik begon toch weer meer zin te krijgen in mijn ontmoeting met mijn doppelgänger, misschien kon hij mij vertellen welke kant het met mij op moest.

4. De vuurzee in om de vuurzee te bedwingen



Ongelooflijk hoeveel tijd een mens tijd kan rekken door na te blijven denken, wakker te blijven, zich niet in slaap te laten sussen door welke verleidelijke tijdslurperij dan ook. Ik lag in mijn hotelbed te draaien. Niet zozeer omdat ik de airconditioning zoals altijd had uitgezet (ik lijd aan hypo-acusis, voor mij is elk geluid een geluid te veel; hoewel Peter zegt dat ik me aanstel) en dus onder een deken van humiditeit moest zien mijn bewustzijn uit te schakelen, wat nog niet meeviel, maar vooral ook omdat ik moest denken aan een artikel dat ik bij het saaie avondeten in de bepaald niet saaie Texas Jewish Post had gelezen over nota bene de Notre Dame. Hoe is het mogelijk dat de Texas Jewish Post beter geïnformeerd is over de brand in mijn geliefde kathedraal (ik ging er elke zaterdag heen om mijn vrouw te gedenken), dan Le Monde, Libé, etcetera? Hoe dan ook, een klein detail in de reconstructie van de brand en het blussen ervan hield me uit mijn slaap, namelijk dat de Parijse brandweer door vanuit een van de torens te blussen had voorkomen dat de hele godvergeten boel in elkaar denderde. Maar hiervoor moesten jonge brandweermensen dus eigenlijk de vuurzee in, en sommigen van hen, uit de banlieu, hadden dit geweigerd. De vuurzee in moeten om de vuurzee te bedwingen, dat komt in de buurt van vuur met vuur bestrijden. Ik vroeg me af wat ik had gedaan als ik geen ongebonden, verantwoordelijkheidsloze schrijver was geweest, recentelijk na de dood van zijn vrouw verhuisd naar Parijs, expat buurman van een Amerikaanse expat, etcetera, maar een gewone soldaat van het vuur uit de voorstad. Zou ik bereid zijn geweest mijn leven te geven voor een gebouw? Deze what if kon ik mooi voorleggen aan Michael Q. Darling morgen.

3. Jezelf tegenkomen



Jezelf tegenkomen op een verre reis – bestond er een groter cliché? Mij leek het juist logischer om jezelf tegen te komen in je eigen huis, in je eigen badkamer, voor je eigen spiegel. Dat je jezelf bestudeert, je rimpels onderzoekt, je gele tanden, je lodderige ogen vul zelf in, en dat je dan denkt: zo zo, ben ik dat? Hoe lang nog? En: zou ik niet toch eens mijn gezicht ergens voor veel geld kunnen laten verjongen?
Nee, de zelfontmoeting waar veelal solo-reizigers 'op een kruispunt in hun leven' op zoek waren was uiteraard van psychische en/of, en dat woord bezorgde me braakneigingen zelfs zonder inname van ayahuasca, spirituele aard. De mannen en vrouwen die in hun eentje de halve of hele wereld afreisden, die zich afbeulden, de eindeloze eenzaamheid opzochten of juist allerlei slaapverwekkende groepsrituelen om zichzelf tegen te komen waren uit op een dieper zelfinzicht dat hun duidelijkheid zou brengen over de te maken cruciale keuze waarvoor ze stonden, of zoiets. Ik geloofde er niet in. Ik geloofde nergens in, dat was in zeker opzicht ook mijn probleem, hoewel ik het tegelijkertijd bevrijdend vond dat het leven geen zin had of hoefde te hebben.
Toch moest ik mijn Parijse buurman Peter ongelijk geven: mijn Texaanse trip was geen narcistische expeditie. Mijn narcisme werd begrensd door mijn gebrek aan interesse in mezelf.
Jij bent gewoon bang om in je eigen ziel te kijken, had Peter toen gezegd. Je bent bang voor wat je daar aan zult treffen.
Ik wierp tegen dat ik liever naar mijn ziel keek via de ziel van mijn dubbelganger, dat ik van spiegels hield om het spiegeleffect.

2. Zelfonderzoek



Tijdens de saaie vlucht naar Dallas, maar ook nu weer, alleen op mijn saaie hotelkamer, heb ik uitentreure nagedacht, dacht ik, over de ontmoeting met Michael Q. Darling. Wat mij aantrok in het idee van een perfecte dubbelganger was niet wat een eeneiïge tweeling moest aantrekken in een hereniging na een jarenlange scheiding. Ik was niet uit op de fantasie hoe het zou zijn als ik mijn leven anders had geleefd, als de genen-set waarmee ik was gezegend (of belast), andere keuzes had gemaakt en dat de tweelingbroers dan bij samenkomst erachter zouden komen dat ze wonder boven wonder dezelfde soort partner hadden gekozen (paardenstaart), dezelfde soort auto reden (Prius), en dezelfde soort boeken op hun nachtkastje hadden liggen (Harari). Nee. Het ging me er nu juist om dat ik iemand wilde ontmoeten die niet dezelfde genetische make up had, maar wonder boven wonder erg op mij leek. Heel erg, zelfs. Iemand dus die via een volstrekt andere weg bij hetzelfde punt was aanbeland. Niet alleen qua uiterlijk, juist ook qua karakter. U4U maakte dit alles mogelijk dankzij 'gepatenteerde search-technologie' (waarover Erykah nogal geheimzinnig deed, het enige dat ze erover kwijt wilde was dat Google interesse had getoond in een overname van het kleine bedrijfje uit Glasgow, maar dat kon iedereen beweren).
Niettegenstaande mijn verklaarde filosofische motieven, kon Peter, mijn eveneens alleenstaande buurman in het 20ste in Parijs,  toen hij van mijn kostbare plan hoorde (dat ik had gefinancierd uit een erfenis) niet nalaten op te merken dat dit zogenaamde zelfonderzoek hem voorkwam als een nodeloos ingewikkelde vorm van narcisme.

1. Doppelgänger


Enigszins opgewonden en nerveus toch wel, maar op een goede manier opgewonden en nerveus, stapte ik uit het vliegtuig in Dallas, Texas, en begaf me per taxi naar het terras van restaurant Big Dipper, in het centrum, voorzover daar bij deze stad sprake van is, op een steenworp afstand van waar JFK's brein en plein public uit zijn schedel werd geschoten, voor mijn langverwachte afspraak met mijn Doppelgänger.
Dat wil zeggen, ik zou vandaag nog niet mijn Doppelgänger te zien krijgen, ik zou eerst contact hebben met een afgevaardigde van het bedrijf dat mij mijn Doppelgänger had bezorgd, U4U, en dan zouden we een dag later samen Michael Q. Darling, want zo bleek mijn dubbelganger te heten, een bezoek brengen. Hij woonde in een appartementencomplex in de wijk Preston Hollow, op zichzelf' Dat klopte alvast, dat hij op zichzelf woonde in een flat, want dat deed ik ook, en trouwens ook dat hij 'schreef' voor zijn 'werk', maar veel meer bijzonderheden dan dat had ik niet.
'So sir Viktor sir, are you at all jetlagged,' probeerde Erykah, de contactpersoon van U4U, conversatie te maken. Ik was niet verbaasd door het sir Viktor sir, want zo was ik vanaf het allereerste begin bejegend door U4U, en ik vond die aanspreektitel eigenlijk wel prettig. Viktor zou te intiem zijn geweest, en sir Frölke te zakelijk.
Erykah, een nors kijkende jonge vrouw met dreadlocks en Caraïbische roots (schatte ik),
Kinda, glimlachte ik, en dat was ook zo, al was ik aangenaam met de tijd mee gevlogen en kon ik dankzij de inslapertjes die ik mijn huisarts had laten voorschrijven, toch nog een paar uur mijn ogen dichtdoen. I'm really looking forward to tomorrow, slijmde ik, ik weet niet waarom, ik had helemaal geen reden om te slijmen aangezien ik U4U een vorstelijk bedrag had betaald voor hun diensten.
Erykah knikte, haalde de papieren erbij. I have to check: do you have a medical history that we need to be aware of?

Help Viktor Frölke de zomer door


Since you're here... mag ik even? Contrair tot wat veel mensen denken kost schrijven geld. Sine qua non voor het construeren ener verhaal, lang of kort, is dat de constructor niet voortijdig komt te overlijden. Benodigdheden voor het niet voortijdig laten overlijden: onderdak en voedsel – ook geestelijk, maar niet overdreven. Zeker en vast, u en ik ook, leven in een land waar niet zomaar mensen doodvriezen op straat, ook niet in de zomer, Maar Dan Ben Je Er Nog Niet. Voor schrijven is ook vereist: vrijheid van afleiding. Mijn verzoek aan u is of u een klein beetje van deze afleiding voor mij wilt afkopen.
Frequent gestelde vragen.
1. U snoept al een tijdje prettig uit de staatsruif. Antwoord: dat is juist, maar de subsidies van het Interpunctiefonds zijn, hoe sympathiek ook, nogal ontoereikend. Probeer eens twee jaar te leven van 15 mille. Dat gaat je niet lukken, niet aan de Amsterdamse Rivièra in elk geval. Technisch – spiritueel ook trouwens – zit ik onder de armoedegrens.
2. De economie draait als een tierelier, kunt u niet schrijfseminars geven aan topadvocaten, topbankiers en andere topmensen? Die hebben er vast wel wat voor over om van u te leren hoe ze moeten schrijven om te worden gelezen. Antwoord: ik heb enige tijd geleden precies 1 keer voor bankiers zo'n workshopje mogen geven. Daarna werd het stil.
3. Viktor, zou je niet eens iets in het onderwijs proberen? Antwoord: bedankt voor de suggestie. Ik heb het geprobeerd en probeer het nog steeds, maar om nu te zeggen dat het onderwijs al mijn geldzorgen verpulvert gaat wat ver. Daarenboven: onderwijs zorgt voor nieuwe afleiding (soms leuke afleiding, daar niet van).
4. Je zou toch bij de pojisie? Dat zou ik ja. De pojisie dacht er anders over.
5. U had toch een moeder met een gat in haar hand waaronder u graag schuilde? Anders gezegd: waarom komt u bij ons arme lezertjes bedelen terwijl het net zo goed bij uw moedertje kan? Antwoord: die lieve moeder heb ik nog steeds, en ze is heus bereid hier en daar wat kleedjes recht te trekken zoals dat heet, maar Dan Ben Ik Er Nog Niet. Bovendien gelooft zij ook zeker, conform haar laat-katholieke grondbeginselen, in Loon Naar Arbeid, en Voor Niets Gaat de Zon Op en Als het Kalf Verdronken is Dempt men de Put. Enfin.
6.Als iedereen uw bedelvraag negeert, betekent dat dan dat we op dit blog nooit meer iets nieuws te lezen krijgen? Antwoord: zo heet wordt de soep niet gegeten, ik vind schrijven ook Gewoon Leuk. Maar als u wat doneert ga ik het leuker vinden.
7. Waarom zou ik? Antwoord: het is zaliger te geven dan te ontvangen (Handelingen 20).
8. Is vijftig cent genoeg? Antwoord: misschien niet. Laat mij adstrueren. Het feuilleton, 'Becky', of 'Brilliant destruction', daar ben ik nog niet over uit, dat 48 afleveringen telde, beslaat 15000 woorden. Voor een digitale novelle van zestig pagina's zou u in een winkel €2,50 of daaromtrent moeten neerleggen.
9. En als ik nu al jarenlang hier op uw spotje rondhang en nog nooit iets heb betaald? Antwoord: ...
10. Wat is uw rekeningnummer. Antwoord: NL88ABNA0545272254. Contrair tot wat veel mensen denken worden schrijvers graag beloond in harde valuta.

48. Uitvaart (slot)





Laten leven of niet laten leven, dat is de vraag.
Het auto erotisch ongeval, zoals dat heet, van Jim Beau Hollak (Capetown 2002 – Amsterdam 2019), vertelde Ferwerda me toen hij uitgeloogd bij mij thuis verscheen, was het begin van het einde, nee: het einde van het einde. De emotionele geschiedenis herhaalde zich, maar bleef ook in die herhaling onbegrijpelijk – of in elk geval onvoorspelbaar, zeker van een veilige afstand. Je had alle factoren kunnen kennen, alle variabelen op een rijtje kunnen hebben en daarbij hun onderlinge weging en dan nog zou je verbaasd zijn over hoe het was gelopen.
Ferwerda werd uitgelogd door Becky. Niet zozeer omdat hij alles had verprutst en in haar woorden een motherfucking nincompoop was, maar omdat Roman in haar ogen een betere trooster bleek. Ze konden elkaar troosten, wat minder scheefte in de relatie ten gevolge had. Vooralsnog bestond het wederzijds troosten van de verlieshebbende ouders overigens met name uit langdurige tripjes naar het Schwarzwald. Wat ze daar deden wist zelfs god niet, behalve dat Becky erin slaagde Roman bij de drank weg te houden.
Of Ferwerda ooit zijn liefdesbaby in ogenschouw zou mogen nemen, of hij haar (het was een zij!) mocht wiegen, flesgeven en kussen, hing af van Becky's goedertierenheid (en van zijn cash flow denkelijk).
Het einde van Ferwerda's engagement, arrangement, hoe je het noemen wilde, misschien was verlengde erotische escapade toch de beste term, viel samen met de volledige inwoning van Malika. Op de een of andere manier voelde het volkomen logisch om de inktzwarte theoretische fysica in het huishouden op te nemen, niet in de laatste plaats omdat ze huur betaalde in de vorm van Soedanese liedjes, waarvan ook Ferwerda moest toegeven dat ze de ziel beter zalfden dan Brel of zelfs Mahler (nou ja, meestal). Wie Malika's diepe, hese stem hoorde, begeleid door zacht hoewel af en toe op het oor vals en a-ritmisch getokkel, wilde alleen nog maar alles en iedereen omarmen – vooral ook háár. Niet zelden bevonden de zestigers zich met hun aangenomen promovenda in een driewegomhelzing. Moet ik nog vermelden dat ze goed en graag kookte en fluitend de was deed?
Jims uitvaart in het steriele crematorium werd massaal bijgewoond door prachtige jonge mensen. Het ene na het andere cosmetisch goed gelukte wonderkind nam het woord en bezong de lof van één kant van de uit het leven gerukte. Niemand kende alle kanten tegelijkertijd, misschien was dat de tragiek.

47. Brilliant destruction


Annibale Carraci

Toen ze aankwamen bij de flat, Becky, Roman en Ferwerda, the odd trio, troffen ze Mischa, de Berlijnse kennis aan op het balkon waar ze in haar onderbroekje een elektrische joint zat te roken. Waar is ie? riepen ze alledrie tegelijk in verschillende talen. Mischa haalde haar magere schouders op. In seinem Zimmer, selbstverständlich! Ferwerda was zo’n man die op dat moment, net zoals ik, onder die omstandigheden, zich afvroeg of seinem wel de juiste naamval was en ging in gedachten razendsnel het rijtje voorzetsels voor derde naamval, mit, nach, nebst enzovoorts af. 'In' zat daar niet bij. 'In' behoorde tot de voorzetsels die nu eens de derde naamval kregen, dan weer de vierde, afhankelijk van, als hij de Duitse les van mevrouw Pilar goed had onthouden, de vraag of er in ‘in’ beweging zat of niet. Was dat, by the way, niet de Grote Vraag van het Leven?
Roman stampte de deur van Jims kamer met zoveel geweld in dat zijn schoen bleef haken in de kapotte holte. Het was helemaal niet nodig geweest, de deur was gewoon open.
Binnen in de jongenskamer, helemaal zwart geverfd, van onder tot boven – inclusief plafond – en met niets aan de muur afgezien van een Brilliant Destruction poster, lag het krullerige genie op bed, in verkrampte houding, verpakt in een nauwsluitend zwartleren pak, naast een openstaande laptop, waaruit een draad hing die richting zijn kruis liep. Het tableau deed nog het meest denken aan een eeuwenoud kunstwerk. 

46. Volledig incommunicado



Ta-ta-ta-ta-ta-ta-ta! klonk het vrij luid in de therapieruimte. Your love gives me such a thrill. But your love won't pay my bills. I want money.
Dat was de telefoon van Becky, by way of The Flying Lizards by way of The Beatles by way of een oud bluesnummer, dat ooit pijn deed, maar in deze versie uit de jaren tachtig subliem was geïroniseerd.
Becky stond op en liep naar de gang. Veel schaamte kende ze niet; discreet was ze wel.
Wat nu weer, dacht Ferwerda. Roman kon het niet zijn; die zat hier te spelen met zijn loper. Jimbo natuurlijk, die belde voor elk wissewasje. Nee, wacht, die belde helemaal nooit, dat was het probleem juist, die liet niet eens meer appjes achter, die was volledig incommunicado de afgelopen periode. De sociale media hadden zijn anti-sociale gedragingen verder aangewakkerd, gelegitimeerd. Ferwerda had de puber nog met weemoed verteld hoe hijzelf lang geleden vanuit verre oorden zijn moeder belde (zijn vader wilde hij liever niet aan de lijn hebben). Altijd collect. 'Jan Jaap Ferwerda calling. Do you accept the charges?' Maman, maakt u nog wat over? Ferwerda zou willen dat hij nu, tegen zijn pensioen aan, haar nog eens collect kon bellen maar als ze de telefoon al opnam, hoorde hij alleen nog gepiep en gehijg.
De overgebleven jaloezie-patiënten in de therapieruimte zwegen. Frank maakte van de gelegenheid gebruik verse rooibosthee te zetten en de schaal met ministroopwafels aan te vullen. Ferwerda kwamen zowel de ministroopwafels als de rooibosthee de neus uit, maar hij wilde geen spelbreker zijn. Verveeld speelde hij met zijn toren. Hij vroeg zich af waarom hij geen koning had gekozen.
Toen stormde Becky de ruimte binnen. Janja, Roman, help! Something terrible happened to Jimbo!