Zo ben ik



Ik ben een beetje ziek, dat klopt. Dat heeft u goed gezien. Ik ben ook een beetje oud, dat is ook waar, misschien heb ik mijn beste tijd gehad. En ik voel me niet zo sterk meer in mijn binnenste. Mijn binnenste wordt zwakker. Wat bij u uw botten zijn. Maar mag ik misschien op eigen houtje mijn einde bereiken? Mag ik misschien zelf bepalen wanneer ik ga? Dat wilt u toch ook?

Ik moet eerlijk zeggen: al het gedoe om mij heen heeft me niet beter gemaakt. Waarom laten ze me niet met rust? Al die zogenaamd belanghebbenden, zogenaamd belangstellenden, ik word d'r gek van. Stel even voor dat aan uw lijf zo'n polonaise hing. Daar zou u niet vrolijker van worden, dat weet ik zeker. Eigenlijk moet je als oudere blij zijn als je nooit bezoek krijgt, als je mij zo ziet.

Gisteren was het weer raak: een stel lui die me zo nodig moesten testen. Nou, toen heb ik me wel effe schrap gezet, wacht dacht u dan? Dat zou u toch ook doen? Als u over straat loopt en een of ander rotjoch begint aan uw tasje te rukken, dan geeft u toch ook niet mee? Als de dokter zegt: adem eens diep in en blaas eens zo hard als u kan, dan geeft u toch alles? Dat bedoel ik. Je moet weerstand bieden in het leven, heb ik altijd geleerd, anders word je in stukken gehakt. Genadeloos.

De mensen willen weten of ik me het allemaal nog herinner, de oorlog enzovoorts. Altijd weer die oorlog. Het antwoord is ja, maar het wordt wel vager hoor. Ik voel dat ik bij de ingang sta van het schimmenrijk. Nog even en ik weet echt niet meer wie Anne is. Dan moeten andere mensen me uitleg geven. En dat is triest. In- en intriest ja.

Wat ook triest is, is dat buurman Tazosrus het nodig heeft gevonden om uit de onderhavige situatie een slaatje te slaan. Je kon er je klok op gelijkzetten hè? Ik hoor Amerikaanse toeristen brallen dat er al 10.100 dollar is geboden op een luizige kastanje van mij op eBay.

Ik zag hem wel zoeken, een paar dagen geleden, die Tazosrus. Luister, het is herfst, zelfs als je niet aan onomkeerbare rottingsverschijnselen lijdt, zoals ik, ga je het een en ander afwerpen. Toen ik hem bezig zag, dacht ik: 'Zal ik een takje laten vallen op dat hoofdje van hem? Een groot takje? Zou Anne dat goedvinden?' Maar ik heb het niet gedaan. Natuurlijk heb ik het niet gedaan. Ik neem me altijd van alles voor, en er gebeurt nooit iets.

Ik heb nog een verzoek, als het morgen zover is. Als de rechter de stormsimulators en de groene huilebalken ongelijk geeft en de zaagmachines komen, en de hoogwerkers, en de huilebalken, en de internationale pers zijn hoogste koortsachtigheid bereikt, dan wil ik graag dat u aan iedereen doorgeeft dat ik niet rancuneus zal zijn als ik brand in uw open haard. Ik zal proberen zo goed mogelijk te branden, iedereen zoveel mogelijk warmte te geven, zoals ik dat altijd heb gedaan, opdat niemand aan mij een schuldgevoel overhoudt. Want zo ben ik. zo ben ik altijd geweest.

Interview door Prinses Irene van Lippe-Biesterfeld.

Dat is een foto uit de tijd dat het nog redelijk goed met me ging, alhoewel ze me niet gewaarschuwd hebben. Het is een stiekem kiekje. Ik kreeg niet eens tijd om me een beetje op te tutten. Maar je moet een boom altijd beoordelen op haar beste momenten, vind ik, en niet vastpinnen op de actualiteit.

2 opmerkingen:

  1. Tja, wie is van hout, verzucht ik nog maar es.
    Geweldige uitsmijter met onze vredesprinses waar WOII en bomofilie in één klap samenkomen. Stukje vikt!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. spitsvondig stukje vik!

    BeantwoordenVerwijderen