Moord in de Morvan (26)



Salman Mahal aan de telefoon. Of ik aanwezig wilde zijn bij het schieten van het wild. Welk wild? Het wild dat zou worden geserveerd overmorgen. Waarom zou ik daarbij aanwezig willen zijn, vroeg ik me af, maar ik stelde de vraag niet. Kennelijk was het voor Salman belangrijk mij te betrekken bij deze versheidsgarantie waarvan ik het bestaan niet afwist, noch had ik stilgestaan bij de noodzaak om wild te laten besterven. Ja, voegde hij nog toe, de jacht wordt een makkie want het graast sinds de lockdown vrolijk in de kasteelweide.
'Nee? Dan stuur ik wel een filmpje.' Hij had alweer opgehangen. Vanaf dat moment wachtte ik bij mijn laptop als een meisje bij haar telefoon. Terwijl ik het helemaal niet wilde zien, ik heb geen talent voor gruwelijkheden, ik bedoel het ondergaan ervan, het bezichtigen, het tot in detail waarnemen van het gruwelijke, het bloedige, het plastische. Ik heb het ook nooit willen beschrijven. Tegelijk word ik er door aangetrokken; weet ik, voel ik, dat dit ook een deel van het leven is, misschien wel het wezenlijke deel. Ook het stoere principe dat sommige carnivoren huldigen, namelijk dat ze alleen dieren eten die ze zelf hebben gedood zou ik kunnen verdedigen, hoewel ik te zwak ben om het ook toe te passen. Bij het doodklappen van een mot voel ik al iets van schuld en schaamte. Waarom hem niet galant naar buiten begeleid?
Murat schudde woest zijn hoofd en zei dat hij een stukje ging wandelen. Hij was geen vegetarier, Murat, nooit geweest ook, maar hij bleef, zoals de meeste van ons, liever verstoken van het geweld, industrieel of ambachtelijk, dat bij de vleesproduktie kwam kijken.
Door het hotelraam zag ik hoe hij over het plein liep met zijn handen in zijn zakken. Murat had al dagen dezelfde kleren aan, dat maakte hem niets uit, en mij ook niet, maar Ingrid de Waal had erop gestaan dat hij een pak aantrok uit haar kledingkast, en zijn baard enigszins fatsoeneerde. Dat vond hij allemaal best.
Even na middernacht, Murat was nog steeds niet terug, kwam de 'pling'. Met een vreemde opwinding, alsof ik iets illegaals deed, opende ik Salmans mail, 'KILL KILL KILL', klikte op het filmpje (met het geluid uit). Ik meende het bos rondom Chateau Prébendier te herkennen. Ik zag een hert in de verte snuffelen en daarna door zijn (of haar) benen gaan. (De lafheid van het pistoolschot.) De schutter kwam dichterbij en loste nog twee schoten, een in de borst van het dier, dat daarna schudde, alsof het rilde van de kou, en nog een genadeschot door het voorhoofd. Er was geen druppel bloed vergoten.